Contentverzamelaar

Aangescherpte regels voor toelating hogere voorzieningen bij EU-Hof van kracht
Bij het EU-Hof gelden vanaf 1 mei 2019 nieuwe regels over de toelating van hogere voorzieningen in zaken die al twee beroepsgangen hebben doorlopen. Een dergelijke hogere voorziening zal slechts – geheel of gedeeltelijk – worden toegelaten indien daarin een vraag rijst die belangrijk is voor de eenheid, de samenhang of de ontwikkeling van het Unierecht. Het gaat om beroepen die in eerste instantie door het EUIPO, ECHA, EASA en het Communautair bureau voor plantenrassen zijn behandeld en in tweede instantie door het Gerecht.

Het Protocol betreffende het statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie en het reglement voor de procesvoering van het Hof van Justitie zijn dienovereenkomstig gewijzigd. Deze wijzigingen zijn op 1 mei 2019 in werking getreden.

​​​​​​​

Achtergrond

Veel hogere voorzieningen worden ingesteld in zaken die reeds tweemaal zijn behandeld, eerst door een onafhankelijke kamer van beroep en vervolgens door het Gerecht. Veel van die hogere voorzieningen worden door het Hof afgewezen omdat zij kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond zijn. Dit blijkt uit een onderzoek van het EU-Hof dat het heeft gedaan in het kader van de hervorming van het Hof van Justitie en het Gerecht. Om zich te kunnen concentreren op de zaken die zijn volledige aandacht vereisen, is daarom met het oog op een goede rechtsbedeling door het EU-Hof voorgesteld om voor dergelijke hogere voorzieningen een procedure in te voeren waarmee het Hof in staat wordt gesteld een hogere voorziening slechts, geheel of gedeeltelijk, toe te laten wanneer daarin een vraag aan de orde komt die belangrijk is voor de eenheid, de samenhang of de ontwikkeling van het Unierecht.

Volgens de nieuwe regels zal een hogere voorziening tegen een uitspraak van het Gerecht over een besluit van een onafhankelijke kamer van beroep van een van de volgende organen en instanties slechts worden behandeld indien het Hof beslist dat het daarvan kennis moet kunnen nemen:

  • het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) (Alicante, Spanje);

  • het Communautair Bureau voor plantenrassen (CPVO) (Angers, Frankrijk);

  • het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) ( (Helsinki, Finland);

  • het Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA) (Keulen, Duitsland).

In die zaken moet bij de hogere voorziening een verzoek om toelating van de hogere voorziening worden gevoegd, dat maximaal zeven bladzijden lang mag zijn, waarin de rekwirant duidelijk uiteenzet welke vraag die belangrijk is voor de eenheid, de samenhang of de ontwikkeling van het Unierecht, in de hogere voorziening rijst. Indien een dergelijk verzoek ontbreekt, wordt de hogere voorziening

 

Meer informatie

Persbericht EU-Hof

Verordening tot wijziging van Protocol nr. 3 betreffende het Statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie