C-179/21 Victorinox 

Contentverzamelaar

C-179/21 Victorinox 

Prejudiciële hofzaak


Zie bijlage voor de verwijzingsuitspraak, en klik
hier voor het dossier van het Hof van Justitie (voor zover beschikbaar).

Termijnen: Motivering departement:     12 mei 2021
Schriftelijke opmerkingen:                     28 juni 2021

Trefwoorden : consumentenbescherming; informatieplicht;

Onderwerp :

-           VWEU artikel 169;

-           Handvest van de grondrechten van de Europese Unie;

-           Richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende consumentenrechten, tot wijziging van richtlijn 93/13/EEG van de Raad en van Richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van richtlijn 85/577/EEG en van richtlijn 97/7/EG van het Europees Parlement en de Raad;

-           Richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 mei 1999 betreffende bepaalde aspecten van de verkoop van en de garanties voor consumptiegoederen;

Feiten:

Partijen concurreren met elkaar bij de onlineverkoop van zakmessen. Verweerster bood op Amazon een zakmes aan van de Zwitserse fabrikant Victorinox. Op de aanbodpagina van Amazon zelf stond geen informatie over een door verweerster of een derde verleende garantie voor het aangeboden mes, maar – onder de ondertitel „Overige technische informatie”– een link met de benaming „Handleiding”. Door hierop te klikken werd een document geopend dat op een server van de beheerder van Amazon is opgeslagen, bestaande uit twee bladzijden met door de fabrikant vormgegeven en geformuleerde productinformatie. De tweede bladzijde daarvan bevatte de volgende verwijzing naar de zogeheten „Victorinox garantie”. De Victorinox garantie geldt ten aanzien van alle materiaal- en fabricagefouten voor onbepaalde duur (ten aanzien van elektronica 2 jaar). Schade die ontstaat door normale slijtage of onvakkundig gebruik valt niet onder de garantie. Verzoekster stelt dat verweerster daarmee onvoldoende informatie heeft verstrekt over de voor het mes verleende garantie. Zij heeft daarom een stakingsvordering tegen verweerster ingesteld. De appelrechter heeft de in eerste aanleg afgewezen vordering toegewezen. Met het door de appelrechter toegestane beroep in Revision vordert verweerster het herstel van het vonnis van de rechter in eerste aanleg. Verzoekster vordert dat het beroep in Revision wordt verworpen.

Overweging:

Voor het slagen van het aanhangige beroep in Revision is relevant of verzoekster recht heeft op de gevorderde staking. Hiervoor is om te beginnen vereist dat verweerster ingevolge § 312d, lid 1, eerste volzin, BGB juncto artikel 246a, § 1, lid 1, eerste volzin, punt 9, EGBGB een informatieplicht had. Bij de uitlegging van de Duitse regels moet in aanmerking worden genomen dat richtlijn 2011/83, volgens artikel 4 en overweging 7 ervan, is gericht op een volledige harmonisatie van de hierin opgenomen aspecten van consumentenbescherming. Indien de eerste prejudiciële vraag ontkennend wordt beantwoord, rijst de vraag of reeds de enkele vermelding van een fabrieksgarantie in het aanbod van de handelaar de informatieplicht als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder m), van richtlijn 2011/83 doet ontstaan of dat die plicht ontstaat wanneer die vermelding voor de consument duidelijk kenbaar is. Tevens is het de vraag of een informatieplicht ook bestaat, wanneer voor de consument duidelijk kenbaar is dat de handelaar slechts informatie van de fabrikant over de garantie toegankelijk maakt.  Voor zover een informatieplicht als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder m), van richtlijn 2011/83 bestaat, rijst ten slotte de vraag naar de inhoud van deze informatie.

Prejudiciële vragen:

1) Ontstaat de informatieplicht als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder m), van richtlijn 2011/83/EU alleen al door het enkele bestaan van een fabrieksgarantie?

2) Indien de eerste vraag ontkennend wordt beantwoord: Ontstaat de informatieplicht als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder m), van richtlijn 2011/83/EU door de enkele vermelding van een fabrieksgarantie in het aanbod van de handelaar of ontstaat die plicht wanneer de vermelding voor de consument duidelijk kenbaar is? Bestaat de informatieplicht ook wanneer het voor de consument duidelijk kenbaar is dat de handelaar slechts informatie van de fabrikant over de garantie toegankelijk maakt?

3) Moet de volgens artikel 6, lid 1, onder m), van richtlijn 2011/83/EU vereiste informatie over het bestaan van en de voorwaarden voor een fabrieksgarantie dezelfde gegevens bevatten als een garantie als bedoeld in artikel 6, lid 2, van richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 mei 1999 betreffende bepaalde aspecten van de verkoop van en de garanties voor consumptiegoederen (PB 1999, L 171, blz. 12) of kan met minder gegevens worden volstaan?

Aangehaalde (recente) jurisprudentie:

Specifiek beleidsterrein: EZK; JenV