Contentverzamelaar

Commissie publiceert blauwdruk voor actie over de rechtsstaat
Een jaarlijks toetsingsproces voor de rechtsstaat voor alle lidstaten vormt de kern van het voorstel van de Commissie om haar monitoring van de rechtsstaat in de lidstaten te versterken. Ter ondersteuning van dit proces zal de Commissie een jaarlijks verslag over de rechtsstaat opstellen, het EU-scorebord voor justitie verder ontwikkelen en de dialoog met andere EU-instellingen, de lidstaten en belanghebbenden versterken. Daarnaast zal zij een specifieke dialoog met alle lidstaten aangaan over onderwerpen die relevant zijn voor de rechtsstaat, onder meer via een netwerk van contactpersonen.

Dit staat in de mededeling van de Commissie ‘Versterking van de rechtsstaat van de Unie, een blauwdruk voor actie’ (COM(2019) 343 final) van 17 juli 2019.

De Commissie heeft deze mededeling gepubliceerd in het kader van de versterking van het rechtsstaat instrumentarium. In een eerdere mededeling van de Commissie van april dit jaar (zie ECER bericht ) had zij al een overzicht gegeven van het bestaande instrumentarium voor het bevorderen en handhaven van de rechtsstaat in de EU. Sindsdien heeft de Commissie een aantal methodes geïdentificeerd die dit instrumentarium kunnen versterken, gebaseerd op drie pijlers: Bevorderen van een rechtsstatelijke cultuur, voorkomen van problemen met de rechtsstaat, en bepalen hoe een doeltreffende gemeenschappelijke respons kan worden ontwikkeld wanneer een significant probleem is vastgesteld. De Commissie identificeert verschillende actoren en mogelijke acties binnen deze drie pijlers.

 

Jaarlijks toetsingsproces voor de rechtsstaat

De Commissie wil ter voorkoming van (het verergeren) van problemen met de rechtsstaat de capaciteit van de EU versterken en haar monitoring van ontwikkelingen van de rechtsstaat in de lidstaten verdiepen. In samenwerking met de lidstaten en eventueel de andere EU-instellingen zal dit een toetsingsproces voor de rechtsstaat (rule of law review cycle) worden. Alle aspecten van de rechtstaat zoals problemen in verband met het wetgevingsproces, gebrek aan doeltreffende rechterlijke bescherming door onafhankelijke en onpartijdige rechters, of het niet in acht nemen van de scheiding der machten zullen daarbij worden meegenomen. De Commissie zal de informatie met name via al bestaande nationale kanalen en bronnen halen. Zij vraagt zowel institutionele actoren als die uit het maatschappelijk middenveld informatie met haar te delen en hun standpunt te geven. Daarnaast zal zij gebruik maken van bestaande informatiebronnen, zoals de organen van de Raad van Europa, de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en EU-organen zoals het EU-Bureau voor de grondrechten . De lidstaten worden gevraagd om intensiever deel te nemen aan de onderlinge uitwisseling van informatie en een dialoog over onderwerpen in verband met de rechtsstaat. De Commissie wil het Europees Semester aanvullen met een dialoog over aanvullende rechtsstatelijke aspecten.

 

Netwerk van nationale contactpunten en jaarlijks verslag over de rechtsstaat

Ook stelt de Commissie voor dat een netwerk van nationale contactpunten in de lidstaten wordt opgezet voor de dialoog over rechtsstatelijke kwesties. Dit netwerk zal voortbouwen op reeds bestaande contacten op gebieden die relevant voor de rechtsstaat zijn, zoals netwerken van nationale contactpunten op het gebied van justitie en corruptiebestrijding en deze contacten ook gaan omvatten. Daarnaast wil de Commissie een jaarlijks verslag over de rechtsstaat publiceren. Dit verslag zal ook dienen als basis voor de intra- en interinstitutionele dialoog van het Europees Parlement en de Raad.

Tot slot roept de Commissie ook de Europese politieke partijen op ervoor te zorgen dat hun nationale leden de rechtsstaat naar behoren eerbiedigen en in hun pan-Europese programma’s aansluiten bij de nadruk die op de rechtsstaat wordt gelegd. Verordening nr. 1141/2014 betreffende het statuut en de financiering van Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen vereist dat zij, met name in hun programma en bij hun activiteiten, de waarden waarop de Unie berust, als verwoord in artikel 2 VEU, eerbiedigen.

 

Handhaving door de Commissie

Indien nationale mechanismen falen, zal de Commissie als hoedster van de Verdragen ervoor blijven zorgen dat de voorschriften van het EU-recht inzake de rechtsstaat worden nageleefd

Zij zal een strategische benadering van inbreukprocedures nastreven, voortbouwend op de ontwikkelingen in de jurisprudentie van het EU-Hof en de normen bevorderen die daarin zijn ontwikkeld, onder meer door de relevante bevindingen van het EU-Hof bijeen te brengen. Ook zal zij de lidstaten ondersteunen ten behoeve van de de-escalatie of stopzetting van het formele rechtsstaatproces, onder meer via een follow-uptoetsing.

De Commissie zal tot slot de volgende zaken te gaan onderzoeken

  • of de gevolgen van hardnekkige problemen op het gebied van de rechtsstaat voor de uitvoering van het EU-beleid nieuwe mechanismen vereisen, naast de al voorgestelde verordening over de bescherming van de begroting van de Unie (voor eind 2020)

  • of op basis van de fraudebestrijdingsstrategie van de Commissie, een gegevensanalysefunctie opgezet kan worden die helpt bij de onderkenning van de beheersing van risico’s in verband met de bescherming van de financiële belangen van de EU.

  • de mogelijkheid om waarschuwingen af te geven wanneer zich problematische patronen beginnen af te tekenen.

 

EU-instellingen: snel handelen, samenhang creëren en duidelijke regels en termijnen vaststellen

 

De Commissie benadrukt het belang van snel handelen door de EU-instellingen en van een samenhangender en gezamenlijke aanpak. De formele processen uit hoofde van het EU-kader voor de rechtsstaat en artikel 7 VEU moeten gepaard gaan met duidelijkere procedures en termijnen. De Commissie roept de instellingen op om wat betreft artikel 7 VEU eerder tot collectieve besluiten te komen. Ze is positief over het voornemen van de Raad om in te stemmen met nieuwe procedures met betrekking tot artikel 7 als een belangrijke stap op weg naar efficiëntere procedures. Zij adviseert de Raad te overwegen een Raadswerkgroep te belasten met de technische voorbereidingen van de besprekingen op de Raad Algemene Zaken zodat de discussie daar efficiënt verloopt. Gepaard aan duidelijke procedureregels zou dit ook kunnen bijdragen tot een verbetering van de institutionele stappen binnen het besluitvormingsproces. Het Europees Parlement zou daarbij in het kader van procedures die het heeft ingeleid, zijn zaak ook moeten kunnen bepleiten. Ook de externe ad-hoc deelname van organen van de Raad van Europa of andere externe deskundige actoren zou moeten worden overwogen.

 

De mededeling is in de Raad Algemene Zaken van 18 juli 2019 gepresenteerd. Uit het verslag aan de Kamer volgt dat tien lidstaten, waaronder Nederland, de nieuwe mededeling verwelkomen in een eerste reactie positief waren over de introductie van een rechtsstaatsreviewcyclus. Een meer inhoudelijke en diepgaandere bespreking van de nieuwe mededeling is voorzien voor de Raad Algemene Zaken van 16 september a.s. In het najaar staat verder een evaluatie gepland van de jaarlijkse rechtsstatelijkheidsdialoog in de Raad Algemene Zaken, met als doel hierover in november Raadsconclusies aan te nemen.

Meer informatie

Mededeling ‘Versterking van de rechtsstaat van de Unie, een blauwdruk voor actie’ (COM(2019) 343 final) van 17 juli 2019

Verslag Raad Algemene Zaken d.d. 18 juli 2019 (met daarin deel over de commissie mededeling)

Dossier Rechtsstaat (ECER)