Contentverzamelaar

Commissie start inbreukprocedure tegen het VK wegens uitblijven voordracht kandidaat Commissaris
De Europese Commissie heeft een schriftelijke aanmaning naar het Verenigd Koninkrijk gestuurd waarin zij aangeeft dat het zijn EU-verdragsrechtelijke verplichtingen schendt door geen kandidaat voor de functie van EU-commissaris voor te dragen. De Britse autoriteiten hebben slechts een week de tijd om hun standpunt kenbaar te maken. Deze korte termijn vindt de Commissie gerechtvaardigd omdat de volgende Commissie zo spoedig mogelijk moet kunnen aantreden.

Het VK heeft op 13 november 2019 gereageerd op de twee brieven van de toekomstig Commissie president Ursula von der Leyen. In die brieven wordt het VK herinnerd aan zijn verplichtingen uit hoofde van het EU-Verdrag - en het besluit van de Europese Raad van 29 oktober 2019 tot verlenging van de periode van artikel 50, lid 1, VEU.

In die brief geeft het VK aan dat zij met het oog op de komende algemene verkiezingen in het VK niet in staat zijn een kandidaat voor de functie van EU-commissaris voor te dragen. De Europese Commissie herinnert eraan dat een lidstaat zich overeenkomstig de vaste EU-rechtspraak (C-317/14 Commissie Belgiƫ) niet kan beroepen op de bepalingen van zijn nationale rechtsstelsel om de niet-nakoming van de verplichtingen die voortvloeien uit het recht van de Unie te rechtvaardigen.

Volgende stappen: Overeenkomstig artikel 258 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie wordt het Verenigd Koninkrijk verzocht uiterlijk op vrijdag 22 november 2019 zijn opmerkingen over de aanmaningsbrief in te dienen. Na onderzoek van deze opmerkingen, of indien binnen deze termijn geen opmerkingen worden ingediend, kan de Commissie, indien nodig, een met redenen omkleed advies uitbrengen.

meer informatie

persbericht

Dossier Brexit (ECER)