EU-Hof: Online 'intermediair' voor taxidiensten is geen vervoersdienst, maar een dienst van de informatiemaatschappij

Contentverzamelaar

EU-Hof: Online 'intermediair' voor taxidiensten is geen vervoersdienst, maar een dienst van de informatiemaatschappij
Een dienst die erin bestaat dat taxigebruikers door middel van een elektronische applicatie rechtstreeks in contact worden gebracht met taxichauffeurs vormt een dienst van de informatiemaatschappij in de zin van de richtlijn inzake elektronische handel. Deze dienst maakt geen integrerend deel uit van een dienstenpakket waarvan het hoofdelement een vervoersdienst is, waardoor de betreffende dienst niet als vervoersdienst kan worden aangemerkt. Eventuele vergunningsstelsels mogen op een dienst van de informatiemaatschappij alleen onder beperkte voorwaarden worden toegepast. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Roemeense rechter.

Het gaat om het arrest van het EU-Hof van 3 december 2020 in de  zaak C-62/19, Star Taxi App .

Achtergrond

Star Taxi App is een in Boekarest (Roemenië) gevestigde vennootschap die een gelijknamige smartphoneapp beheert waarmee gebruikers van taxidiensten rechtstreeks in contact worden gebracht met taxichauffeurs. Met deze app kan een zoekopdracht voor taxiritten worden uitgevoerd, waarna gebruikers een lijst wordt voorgesteld van taxichauffeurs die beschikbaar zijn voor een rit. De klant/gebruiker is vervolgens vrij om uit die lijst een chauffeur te kiezen. Star Taxi App geeft de opdrachten niet door aan de taxichauffeurs en stelt de ritprijs niet vast. Afgenomen ritten worden aan het einde ervan rechtstreeks door de klant/gebruiker aan de chauffeur betaald.

Op 19 december 2017 heeft de gemeenteraad van Boekarest een besluit vastgesteld (hierna: het besluit), waarbij de verplichting om vooraf een vergunning te verkrijgen voor zogeheten dispatchingactiviteiten is uitgebreid tot beheerders van softwareapplicaties zoals Star Taxi App. Een dispatchingactiviteit is de aan het taxivervoer verbonden activiteit waarbij taxibestellingen van klanten via de telefoon of via andere kanalen worden aangenomen en via een radiozender-ontvanger aan de taxichauffeur worden doorgegeven. Star Taxi heeft nagelaten een dergelijke vergunning aan te vragen en krijgt vervolgens wegens overtreding van deze vergunningplicht een geldboete.

Star Taxi App was van mening dat haar activiteit een “dienst van de informatiemaatschappij” is, waarvoor krachtens de richtlijn 2000/31/EG betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, met name de elektronische handel het beginsel geldt dat die dienst niet afhankelijk mag worden gesteld van een voorafgaande vergunning. Daarom heeft zij bij de rechter in eerste aanleg in Boekarest, Roemenië nietigverklaring van het besluit gevorderd.

De Roemeense rechter vraagt aan het EU-Hof of een dienst die erin bestaat dat taxigebruikers door middel van een elektronische applicatie rechtstreeks in contact worden gebracht met taxichauffeurs een “dienst van de informatiemaatschappij” is en, zo ja, of een (vergunnings)regeling als het Roemeense besluit die dergelijke dienstverlening raakt in overeenstemming is met het Unierecht.

EU-Hof

Om te beginnen merkt het Hof op dat de door Star Taxi App aangeboden dienst onder het begrip „dienst van de informatiemaatschappij” zoals bedoeld in de richtlijn inzake elektronische handel valt. Want deze dienst wordt tegen vergoeding, op afstand, via elektronische weg en op individueel verzoek van een afnemer van diensten verricht. In dit verband doet het niet ter zake dat een dergelijke dienst gratis wordt verricht voor de persoon die een stadstraject wenst af te leggen of aflegt.

Volgens eerdere rechtspraak van het EU-Hof is het evenwel mogelijk dat een dienst die de kenmerken van een „dienst van de informatiemaatschappij” vertoont niet als zodanig wordt aangemerkt. Dit is met name het geval wanneer het gaat om een bemiddelingsdienst die integrerend deel uitmaakt van een dienstenpakket waarvan het hoofdelement bestaat in een dienst die onder een andere juridische kwalificatie valt.

In dit verband merkt het EU-Hof op dat de door Star Taxi App verrichte dienst een aanvulling vormt op een reeds bestaande en georganiseerde taxivervoersdienst. Bovendien selecteert de dienstverrichter niet de taxichauffeurs, stelt hij de ritprijs niet vast en int hij deze evenmin, en houdt hij voorts geen toezicht op de kwaliteit van de voertuigen en hun chauffeurs, noch op het gedrag van die chauffeurs. Het EU-Hof concludeert daarom dat de onderhavige dienst van Star Taxi App niet kan worden geacht integrerend deel uit te maken van een dienstenpakket waarvan het hoofdelement bestaat in een vervoersdienst. Deze dienst is dus een dienst van de informatiemaatschappij, die onder de richtlijn inzake elektronische handel valt.

Vervolgens beoordeelt het EU-Hof of een (vergunnings)regeling zoals het onderhavige Roemeense gemeenteraadsbesluit tot uitbreiding van de vergunningsplicht tot dispatchingsactiviteiten in overeenstemming is met het Unierecht. In verband hiermee merkt het Hof ten eerste op, dat het besluit geen „technisch voorschrift” in de zin van richtlijn (EU) 2015/1535 betreffende een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij vormt aangezien zij niet specifiek betrekking heeft op diensten van de informatiemaatschappij en zonder onderscheid betrekking heeft op alle soorten dispatchingdiensten, ongeacht of deze telefonisch of door middel van een softwareapplicatie worden verricht. Op de betreffende lidstaat rust dus geen plicht, om het besluit ingevolge de richtlijn aan de Commissie te melden.
Vervolgens oordeelt het EU-Hof dat richtlijn 2000/31/EG inzake elektronische handel zich er niet tegen verzet dat op een aanbieder van een dienst van de informatiemaatschappij een vergunningstelsel wordt toegepast dat reeds van toepassing is op aanbieders van economisch gelijkwaardige diensten die geen diensten van de informatiemaatschappij vormen.
Ten derde merkt het EU-Hof op dat richtlijn 2006/123/EG betreffende diensten op de interne markt zich alleen verzet tegen de toepassing van een dergelijk vergunningstelsel als dit stelsel niet voldoet aan de in die richtlijn gestelde vereisten, hetgeen de verwijzende rechter dient na te gaan.

Meer informatie

  • ECER-dossier  – Vrij verkeer van diensten
  • ECER-Nieuwsbericht – EU-Hof: Airbnb is een informatiedienst en geen verhuurmakelaar
  • ECER-Nieuwsbericht – A-G: online ‘intermediair’ voor taxidiensten is geen vervoersdienst maar een dienst van de informatiemaatschappij