Europese Commissie akkoord met Nederlandse garantielening om economie te steunen tijdens Covid-19-uitbraak

Contentverzamelaar

Europese Commissie akkoord met Nederlandse garantielening om economie te steunen tijdens Covid-19-uitbraak
De Europese Commissie heeft groen licht gegeven voor een Nederlandse garantieregeling van 10 miljard euro om de Nederlandse economie te ondersteunen tijdens de uitbraak van het coronavirus. De regeling is goedgekeurd op grond van de Tijdelijke kaderregeling staatssteun.

Nederland heeft op basis van het tijdelijke steunkader bij de Commissie aanmelding gedaan van een garantieregeling voor werkkapitaal- en investeringskredieten die banken verstrekken. Deze regeling moet Nederlandse ondernemingen helpen hun liquiditeitsbehoeften te dekken bij deze uitbraak van het coronavirus.

De regeling dient om de liquiditeitskrapte van ondernemingen als gevolg van de uitbraak van het coronavirus te helpen opvangen. Zij geldt alleen voor leningen die banken vanaf 24 maart 2020 hebben verstrekt. De Nederlandse Staat zal voor 90 % garant staan voor nieuwe leningen aan mkb-bedrijven en voor 80 % voor nieuwe leningen aan grote ondernemingen. Banken moeten kredietnemers zes maanden uitstel van aflossing geven voordat zij een beroep kunnen doen op de in het kader van de regeling afgegeven staatsgaranties op leningen.

De Commissie is tot de bevinding gekomen dat de regeling die Nederland heeft aangemeld, voldoet aan de voorwaarden van het tijdelijke steunkader. En wel om de volgende redenen: i) de garanties kunnen slechts worden afgegeven tot en met 31 december 2020; ii) het onderliggende kredietbedrag per onderneming blijft beperkt tot hetgeen noodzakelijk is om haar liquiditeitsbehoeften voor de nabije toekomst te dekken; iii) de garanties lopen over maximaal zes jaar, en iv) de garantiepremies voldoen aan de minimumniveaus die in het tijdelijke steunkader zijn bepaald. Ten slotte, ondernemingen die op 31 december 2019 al in moeilijkheden verkeerden, kunnen geen aanspraak maken op deze garantieregeling.

De Commissie kon dan ook concluderen dat de Nederlandse maatregel noodzakelijk, passend en evenredig is om een ernstige verstoring in de economie van een lidstaat op te heffen — en in overeenstemming is met artikel 107, lid 3, VWEU en de voorwaarden van het tijdelijke steunkader.

Op basis hiervan heeft de Commissie, op grond van de EU-staatssteunregels, toestemming gegeven voor de maatregelen