Grensoverschrijdende samenwerking in de Nederlandse grensregio’s loopt maar is nog niet klaar

Contentverzamelaar

Grensoverschrijdende samenwerking in de Nederlandse grensregio’s loopt maar is nog niet klaar
Staatssecretaris Knops blikt in een Kamerbrief terug en vooruit op de ontwikkelingen inzake groeien aan de grens en het belang van grensoverschrijdende samenwerking voor de bewoners en bedrijven in de grensregio’s. Er is in de afgelopen periode veel bereikt door alle partijen, maar de potentie van de grensregio’s is nog lang niet volledig benut. De plotselinge grensrestricties aan het begin van de coronacrisis illustreren volgens de staatssecretaris het belang van de grensoverschrijdende samenwerking voor het dagelijkse leven van bewoners en bedrijven in de grensregio’s.

Het gaat om de Kamerbrief over groeien aan de grens en de potentie van grensregio’s, die op 6 april 2021 naar de Tweede Kamer is gestuurd.

Achtergrond

In de Kamerbrief wordt in herinnering gebracht dat eerder onderzoek van de Europese Commissie bevestigt dat het onbenut laten van kansen in de grensregio’s werkgelegenheid kost. Ander onderzoek toont aan dat de woonaantrekkelijkheid van veel grenssteden sterk zou verbeteren als er geen grensbelemmeringen zouden zijn en banen en voorzieningen over de grens mee zouden tellen. Het kabinet heeft daarom ingezet op het wegnemen van grensbelemmeringen. Hierdoor ontstaat uiteindelijk economische ontwikkeling en wordt de leefbaarheid versterkt in de grensregio’s door het pakken van kansen en het ontstaan van grensoverschrijdende initiatieven.

Terugblik

In de Kamerbrief blikt de Staatsecretaris terug op de - samen met publieke en private partners aan beide zijden van de grens - uitgevoerde vier sporen van grensoverschrijdende samenwerking (GROS) in de afgelopen drie jaar:

1) Het stimuleren en ondersteunen van grensoverschrijdende initiatieven
Het kabinet Rutte III heeft grensoverschrijdende initiatieven de afgelopen periode op verschillende manieren direct gestimuleerd en ondersteund. Om te bevorderen dat jongeren aan weerszijden van de grens kennismaken met elkaar en elkaars taal en cultuur is in 2019 het programma “Onbegrensd” gestart. Daarmee stimuleert het kabinet grensoverschrijdende evenementen op het gebied van sport en cultuur. Inmiddels zijn een kleine dertig initiatieven ondersteund. Ook vanuit de Regio Deals - die gesloten zijn met acht grensregio’s - is een stimulans gegeven aan grensoverschrijdende initiatieven. Dat heeft geresulteerd in onder meer de oprichting van een Grenslandcollege en de aanpak van grensoverschrijdende natuurgebieden.

2) Het aanpakken van knelpunten en verbeteren van randvoorwaarden
Na 3 jaar GROS zijn er vele stukken van werkgroepen en rapporten over grensbelemmeringen opgeleverd. Voorbeelden van oplossingen die zijn gevonden zijn onder meer: grensbelemmeringen van havens zijn in kaart gebracht, er is een KoersKaart voor grensbelemmeringen ontwikkeld, de grensinformatievoorziening en -contactpunten op het gebied van de arbeidsmarkt zijn ingericht, er is een DigiD voor grensarbeiders geïntroduceerd en op het gebied van onderwijs zijn grensoverschrijdende stages en opleidingen gestimuleerd.

3) Het optimaliseren en inhoudelijk prioriteren van governance
Een belangrijke randvoorwaarde om samen te werken, vraagstukken te agenderen en afspraken daarover te maken, vormt governance (over hoe structureel overleg te organiseren tussen alle partners in de grensoverschrijdende samenwerking). Met Noordrijn-Westfalen, Vlaanderen en Nedersaksen loopt het overleg. Het overleg met Wallonië wordt nog verder vormgegeven. Sinds het begin van de coronacrisis wordt via de Cross Border Taskforce Corona intensief met de buurlanden samengewerkt in het kader van de coronacrisis.

4) Het anticiperen op de EU en Benelux
Europa en de samenwerking binnen de Benelux Unie kan GROS-initiatieven steunen, met behulp van financiële, juridische en andere instrumenten. De EU-Interreg-gelden vormen een belangrijk middel om grensoverschrijdende samenwerking binnen Europa te bevorderen en grensbelemmeringen te slechten. De voorbereiding voor de nieuwe programmaperiode Interreg 2021-2027 is gevorderd en de programma’s van de grensregio’s op dit vlak sluiten in belangrijke mate aan op de prioriteiten van de Europese Commissie en het kabinet. Ook de Benelux biedt instrumenten voor de grensoverschrijdende samenwerking waar centrale en decentrale overheden gebruik van kunnen maken. Met de inwerkingtreding van het GROS-verdrag in 2019 zijn hier enkele nieuwe instrumenten bijgekomen, waaronder de Benelux Groepering voor Territoriale Samenwerking (BGTS).

Vooruitblik en ontwikkelingsperspectief

De Kamerbrief schetst een ontwikkelingsperspectief waarbij beter wordt ingespeeld op de specifieke kenmerken en mogelijkheden van grensregio’s. Juist daar kunnen nieuwe wegen worden ingeslagen en kan gewerkt worden aan de oplossingen van de toekomst. Onder meer door het gebruik van duurzame energie, verantwoord waterbeheer en nieuwe productietechnieken. Bedrijven kunnen daar optimaal profiteren van de nabijheid van grote afzetmarkten aan de andere kant van de grens en in de rest van Europa. Als gevolg van de coronacrisis wordt duidelijk dat in een gedigitaliseerde wereld afstanden met online werken goed te overbruggen zijn. Wonen buiten de Randstad wordt aantrekkelijker en er is sprake van een herwaardering van de (grens)regio.

Waar volgens de Kamerbrief in de afgelopen kabinetsperiode veel nieuwe initiatieven zijn ontstaan en ondersteund en grensbelemmeringen zijn geslecht, kan nog veel (meer) bereikt worden. Dit geldt onder meer voor de arbeidsmarkt, mobiliteit en onderwijs – onderwerpen die al lang op de agenda van grensoverschrijdende samenwerking staan. In de afgelopen jaren zijn daar energietransitie, gebiedsontwikkeling, leefomgeving, klimaat en circulaire economie bijgekomen.

Kansen liggen er met name door vanuit het idee van brede welvaart integraal te kijken naar de opgaven in de grensregio’s. Een voorwaarde is dat grensoverschrijdend samenwerken bestuurlijk en ambtelijk (interdepartementaal) steviger verankerd wordt én de beleidsmatige en financiële ondersteuning op niveau blijft om initiatieven te ondersteunen en knelpunten aan te pakken. Daarnaast zal in de komende regeerperiode de vertegenwoordiging van de Rijksoverheid in de buurlanden effectief en efficiënt moeten worden ingericht. Van belang is dat de Interreg-structuurfondsmiddelen -als instrument om de grensoverschrijdende samenwerking verder te bevorderen- opnieuw worden benut. De opgebouwde governancestructuren vormen daarbij een stevige en onmisbare basis. Bestendiging van deze relaties met de buurlanden en de governancestructuren is voor de toekomst een must.

De Kamerbrief sluit af met de mededeling dat de volgende stappen in de grensoverschrijdende samenwerking uiteraard aan een volgend kabinet zijn.

Meer informatie:

  • ECER-bericht : Voortgang van de samenwerking in de grensregio’s (10 maart 2020)