Contentverzamelaar

Kabinet presenteert prioriteiten Nederlands EU-voorzitterschap 2016
Een Europa dat zich richt op hoofdzaken, dat door innovatie groei en banen schept en dat verbinding aangaat met samenlevingen. Dat zijn voor het kabinet de prioriteiten van het Nederlandse EU-voorzitterschap in 2016. Dit schrijft het kabinet in een brief aan het parlement.

Het kabinet heeft de beide kamers op 28 januari 2015 een brief over de inhoudelijke voorbereidingen van het voorzitterschap gestuurd: over wat ons land wil uitstralen, uitdragen en uitvoeren in de aanloop naar en tijdens ons EU-voorzitterschap.

In oktober 2014 presenteerde het kabinet al een overzicht van de stand van de voorbereiding van het Nederlands voorzitterschap. Dat overzicht betrof vooral de organisatorische aspecten van het voorzitterschap.

Strategische agenda

Allereerst wordt – in het licht van de uitdagingen waarvoor de Europese Unie is gesteld – een korte beschouwing gegeven van de zaken waarop de EU zich volgens het kabinet zou moeten richten op basis van de ‘ strategische agenda voor de Unie in tijden van verandering’, die de Europese Raad van 26 en 27 juni 2014 heeft vastgesteld.

In de strategische agenda staan vijf overkoepelende prioriteiten die de Unie de komende vijf jaar richting geven om de uitdagingen het hoofd te bieden waarvoor zij zich gesteld ziet. Die prioriteiten zijn: een Unie van banen, groei en concurrentievermogen, een Unie die alle burgers activeert en beschermt, een Energie Unie met een toekomstgericht klimaatbeleid, een Unie van vrijheid, veiligheid en recht, en een Unie als sterke mondiale speler.

De strategische agenda is ook leidend voor het Commissie werkprogramma voor 2015 dat in december 2014 werd gepresenteerd en dat vooral de lopende agenda van het Nederlands voorzitterschap zal bepalen. De kabinetsappreciatie ervan is in januari 2015 aan het parlement gestuurd.

Uitgangspunten Nederlands voorzitterschap

Vervolgens worden de uitgangspunten voor het Nederlands voorzitterschap gepresenteerd: een Europa dat zich richt op hoofdzaken, dat door innovatie groei en banen schept en dat verbinding aangaat met samenlevingen.

Nederland wil een innovatieve Unie die is gericht op groei en banen: ‘Het creëren van banen en stimuleren van een duurzame, innovatieve economie zijn topprioriteit. In Europa dient het belang van burgers voorop te staan. Een Unie die – door te durven inzetten op vernieuwing – haar economische en externe slagkracht vergroot en het Europees concurrentievermogen in de wereld bevordert’, aldus Koenders. Het gaat daarbij volgens het kabinet onder meer om het wegnemen van belemmeringen voor innovatie in de interne markt, het versterken van de digitale economie, het stimuleren van nationale beleidshervormingen en een maatschappij die vernieuwt en zichzelf uitdaagt.

Het kabinet wil dat de EU zich echt tot hoofdzaken beperkt en alleen waar nodig waarde toevoegt aan wat lidstaten zelf kunnen of moeten doen. Nederland zal als EU-voorzitter insteken op betere, eenvoudiger en uitvoerbare wet- en regelgeving. Dat geldt ook voor vermindering van administratieve lasten en kosten. ‘Dit is van belang voor burgers, midden- en kleinbedrijf, steden en andere overheden’, schrijft Koenders. ‘Het behoud van de rechtstaat en vrijheid van meningsuiting zijn hoofdzaken waar Nederland zich voor zal inzetten.’

Als derde prioriteit voor het voorzitterschap noemt het kabinet een EU die verbindt. ‘Dat is een Unie die is gebaseerd op fundamentele waarden en die wordt gedragen door haar burgers’, schrijft Koenders. Draagvlak voor Europese besluitvorming komt volgens het kabinet tot stand door krachtige inspraak en invloed. Voor het kabinet blijft versterking van de democratische legitimiteit van de EU een belangrijk punt. Koenders: ‘Dat vraagt om actieve betrokkenheid van mensen en maatschappelijke organisaties, zodat zij zich gehoord weten. Het kabinet wil deze betrokkenheid bevorderen. Transparantie over besluitvorming is hierbij essentieel. Daarnaast kan draagvlak voor de EU worden versterkt als de EU daadwerkelijk resultaten boekt voor burgers en bedrijven, op punten die voor hen belangrijk zijn. Dat is dan ook de inzet van het kabinet.’

Rol en speelruimte van het roulerend voorzitterschap

Het kabinet geeft een aantal observaties over de rol en de speelruimte van het roulerend voorzitterschap in de gewijzigde context na het Verdrag van Lissabon. Het roulerend voorzitterschap heeft sinds het Verdrag van Lissabon vooral een dienende rol gekregen: de werkzaamheden van het voorzitterschap bestaan in belangrijke mate uit het verder brengen van de lopende agenda. Deze wordt in hoge mate bepaald door de lopende wetgevingsdossiers. Daarbij moet uiteraard de dynamiek in het Europees Parlement, dat op vrijwel alle terreinen medewetgever is, worden meegewogen. De rol van het voorzitterschap is vooral die van een betrouwbare en efficiënte bemiddelaar die compromissen smeedt tussen de 28 lidstaten en tussen Raad, Commissie en Europees Parlement. Onder dit kopje wordt eveneens stilgestaan bij de mogelijke rol van de kamers. Het Nederlands voorzitterschap biedt het parlement een uitgelezen mogelijkheid de democratische legitimiteit nadrukkelijk op de agenda te plaatsen en de organisatie en dialoog tussen de parlementen op een hoger plan te tillen.

Overzicht verschillende Raadsformaties

In een bijlage, tot slot, is opgenomen hoe de verschillende Raadsformaties in de eerste helft van 2016 zullen worden ingericht zodat zij bijdragen aan het neerzetten van concrete resultaten op de vijf doelstellingen van de strategische agenda. Dit is geen uitputtend overzicht van alle activiteiten die tijdens het Nederlands voorzitterschap in het kader van de lopende agenda zullen passeren – daartoe is het voorzitterschapsprogramma bedoeld dat in het laatste kwartaal van 2015 het licht zal zien - maar geeft een beeld van de accenten die Nederland in de verschillende Raadsformaties wil zetten.