Meer duidelijkheid over openbaarheid lopende juridische EU-procedures

Contentverzamelaar

Meer duidelijkheid over openbaarheid lopende juridische EU-procedures
Stukken in lopende EU-pilotzaken of infractieprocedures worden in beginsel niet openbaar gemaakt, ook niet wanneer de Kamer daarom verzoekt. De Europese Commissie moet altijd vooraf worden geconsulteerd over stukken die van haar afkomstig zijn. Dit laatste is niet vereist voor vertrouwelijke kennisneming door de Kamer. Dat blijkt uit een herziene ICER-handreiking voor de departementen.

Het gaat om de notitie ‘toegang tot documenten in lopende EU-Pilotzaken en infractieprocedures’ van de Interdepartementale Commissie Europees Recht (ICER) van 19 december 2019.

Het kan voorkomen dat een Kamermeerderheid de regering verzoekt om openbaarmaking van documenten in lopende infractieprocedures of EU-Pilotzaken. Een dergelijk verzoek moet door het desbetreffende departement in behandeling worden genomen met inachtneming van de bepalingen van de Wet openbaarheid van bestuur (‘Wob’) of artikel 68 Grondwet . Daarnaast dienen ook de bepalingen van verordening (EG) nr. 1049/2001 over de toegang tot documenten van de Raad, de Commissie en het Europees Parlement (hierna: ’Eurowob’) en het beginsel van loyale samenwerking te worden gerespecteerd.

De belangrijkste wijzigingen hebben betrekking op documenten die afkomstig zijn van de Commissie. Verduidelijkt is onder meer dat de Commissie van mening is dat verzoeken niet onder de reikwijdte van de Eurowob vallen wanneer sprake is van openbaarmaking die het gevolg zou zijn van het openbaar delen van een document met de Kamer (n.a.v. een verzoek daartoe door de Kamer). Echter blijkt uit correspondentie met de Commissie dat zij wel verwacht in een dergelijk geval geconsulteerd te worden. De Commissie wijst daarbij op het beginsel van loyale samenwerking.

In het geval dat de Commissie negatief adviseert over de openbaarmaking van de betreffende documenten, staat nog de mogelijkheid open voor Kamerleden om op grond van artikel 68 Grondwet bewindslieden te verzoeken om inlichtingen. Deze wijze van informatievoorziening staat los van de (Euro)Wob. Het uitgangspunt is dan dat de verstrekking van documenten aan de Kamer openbaar is. Indien openbare verstrekking niet verantwoord is in verband met het belang van de staat, zal worden gezocht naar een vorm die zoveel mogelijk recht doet aan het recht van het parlement om geïnformeerd te worden, bijvoorbeeld door middel van vertrouwelijke inlichtingenverstrekking. Wanneer verstrekking van informatie aan het parlement in strijd is met een geheimhoudingsplicht op grond van internationale bepalingen, moet het verstrekken van de informatie in strijd worden geacht met het belang van de staat.

Ook nieuw is dat het consulteren van een EU-instelling achterwege kan blijven wanneer de verdere verspreiding van een document binnen een lidstaat niet tot gevolg heeft dat het stuk openbaar wordt gemaakt. Wanneer een document in het bezit van de lidstaten vertrouwelijk wordt gedeeld met bijvoorbeeld de Kamer is er geen sprake van openbaarmaking. In dergelijke gevallen kan van consultatie worden afgezien.

De vernieuwde notitie kan hier gelezen worden.