Speciaal verslag Europese Rekenkamer over intellectuele eigendom

Contentverzamelaar

Speciaal verslag Europese Rekenkamer over intellectuele eigendom
In het verslag waarschuwt de Europese Rekenkamer dat het rechtskader van de EU voor de bescherming van intellectuele eigendom niet zo doeltreffend is als het zou kunnen zijn. Hoewel het bestaande kader een aantal garanties biedt, zijn er nog steeds een aantal tekortkomingen, met name in de EU-richtlijn inzake modellen en het mechanisme voor taksen van de EU. Ook wijzen de auditors er in het verslag op dat de systemen van de EU en de lidstaten gebaat zouden zijn bij een betere afstemming op elkaar.

Intellectuele-eigendomsrechten spelen een grote rol in een kenniseconomie: ze zorgen ervoor dat bedrijven en ontwerpers kunnen profiteren van hun creaties, maar ze bieden de consument ook garanties op het gebied van kwaliteit en veiligheid.

Achtergrondinformatie
Het EU-regelgevingskader voor intellectuele-eigendomsrechten is gebaseerd op EU-verordeningen en -richtlijnen en bestaande internationale overeenkomsten inzake intellectuele eigendom. Het doel ervan is bescherming bieden in alle EU-lidstaten door één EU-systeem tot stand te brengen dat uit Europese en nationale intellectuele-eigendomsrechten bestaat. Het nu uitgekomen speciaal verslag nr. 06/2022 “Intellectuele-eigendomsrechten van de EU: bescherming niet geheel waterdicht” van de Europese Rekenkamer is beschikbaar op de website van de ERK.

Intellectuele-eigendomsrechten (IER) zijn van cruciaal belang voor het mondiale concurrentievermogen van de EU. IER-intensieve industrieën genereren bijna de helft (45 procent) van de economische activiteit van de EU, en zorgen voor bijna een derde (29 procent) van de totale werkgelegenheid in de EU. Namaakproducten leiden jaarlijks naar schatting tot een gederfde omzet van 83 miljard euro in de legale economie. Als het probleem van namaakproducten doeltreffend zou worden aangepakt, zou dat de EU-economie volgens een recente raming van het Bureau voor intellectuele eigendom van de EU (EUIPO) 400 000 banen opleveren. Namaakproducten houden ook aanzienlijke veiligheidsrisico’s in, zoals onlangs bleek tijdens de COVID-19-pandemie.

Om deze redenen leveren de Europese Commissie, andere EU-organen zoals het EUIPO, en de autoriteiten van de lidstaten aanzienlijke inspanningen om ervoor te zorgen dat de intellectuele-eigendomsrechten in de hele eengemaakte EU-markt worden geëerbiedigd.

Opmerkingen auditors in het speciaal verslag
De auditors merken in het speciaal verslag op dat er wetgevende en ondersteunende maatregelen zijn ingevoerd om Uniemerken te beschermen. Tegelijkertijd wijzen ze echter op tekortkomingen in de EU-modellenrichtlijn, die in de gehele EU dezelfde rechtsgevolgen zou moeten hebben. Op dit moment is het EU-regelgevingskader voor modellen onvolledig en verouderd. Als gevolg daarvan zijn de nationale en EU-systemen niet op elkaar afgestemd, waardoor de praktijken van de lidstaten tijdens de aanvraag-, onderzoeks-, publicatie- en inschrijvingsprocedures uiteenlopen, wat tot rechtsonzekerheid leidt. Daarnaast wijzen de auditors op het ontbreken van een voor de gehele EU geldende beschermingsregeling voor alle producten. Het kader voor geografische aanduidingen van de EU heeft geen betrekking op niet-landbouwproducten, zoals ambachten en tekeningen en modellen van nijverheid, hoewel sommige lidstaten wetgeving hebben om dergelijke producten te beschermen.
De auditors zetten ook vraagtekens bij het mechanisme voor taksen van de EU, waarbij zij aanzienlijke verschillen constateren tussen de EU-taksen en taksen die door de nationale autoriteiten in rekening worden gebracht. Ze stelden vast dat de taksenstructuur van de EU voor IER niet de reële kosten weerspiegelt. Hoewel er criteria bestaan voor de vaststelling van de taksen op EU-niveau, zijn de auditors van mening dat er geen duidelijke methode is om de structuur en de hoogte ervan te bepalen, waardoor deze taksen op zo’n buitensporig niveau liggen dat overschotten worden opgebouwd (meer dan 300 miljoen euro in de rekeningen van 2020 van het EUIPO). De auditors benadrukken dat dit in strijd is met het in de EU-wetgeving vastgelegde beginsel van begrotingsevenwicht.
Hoewel er een EU-kader voor de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten bestaat en dit over het algemeen goed functioneert, wijzen de auditors op enkele tekortkomingen in de uitvoering ervan. Met name wordt de richtlijn betreffende de handhaving van intellectuele-eigendomsrechten niet in de hele EU op uniforme wijze toegepast, waardoor geen constant hoog niveau van bescherming van intellectuele eigendom in de interne markt wordt gewaarborgd.
Tekortkomingen en inconsistenties in de douanecontroles in de lidstaten hebben ook negatieve gevolgen voor de handhaving en de bestrijding van namaak. De bescherming van IER in de EU verschilt dus naargelang van de plaats van invoer. De auditors merken ook op dat er binnen de EU verschillende praktijken bestaan voor de vernietiging van namaakgoederen. Zij waarschuwen dat die ertoe kunnen leiden dat vervalsers hun producten in de EU invoeren op plaatsen waar minder strenge controles en sancties gelden.

Meer informatie:
Persbericht Europese Rekenkamer
ECER-dossier : Intellectuele eigendom