Voortgang of geen voortgang, dat is de vraag in de Brexit onderhandelingen

Contentverzamelaar

Voortgang of geen voortgang, dat is de vraag in de Brexit onderhandelingen
In december zal door de Europese Raad moeten worden vastgesteld of er voldoende voortgang is geboekt in de onderhandelingen tussen de EU-27 en het VK over zijn terugtrekking. Dat is de voorwaarde om over de toekomstige relatie te kunnen onderhandelen. Een overzicht van de stand van zaken tot nu toe.

Hieronder in vogelvlucht een overzicht van de ontwikkelingen in de aanloop naar de Europese Raad van december. De meest recente staan bovenaan.

6-9 november zesde onderhandelingsronde: geen nieuws…

…is in dit geval ook geen goed nieuws. Barnier gaf aan dat er “wel  enige vooruitgang” is geboekt op het thema van de rechten van EU-burgers, maar nog niet voldoende. Het VK wil administratieve procedures invoeren waardoor EU-burgers "gevestigde status" kunnen krijgen. Het VK heeft verduidelijkingen verstrekt die een goede basis vormen voor verdere besprekingen. Het gaat dan om informatie over hoe een dergelijk systeem zou werken, en de EU-vereisten ten aanzien van gebruiksvriendelijkheid en lage kosten. Ook wilde de EU zekerheid over de beschikbaarheid van een effectief rechtsmiddel wanneer een verzoek tot gevestigde status van EU-burgers wordt afgewezen. Barnier gaf aan dat de discussies over de directe werking van de terugtrekkingsovereenkomst  “bemoedigend” waren. Meer is echter van het VK nodig voor gezinshereniging, het recht om socialezekerheidsuitkeringen te exporteren en de rol van het Europese Hof van Justitie ter verzekering van consistente toepassing van zijn jurisprudentie in het VK en de EU. Daarnaast moet de dialoog over Ierland en Noord-Ierland worden voortgezet op basis van een gemeenschappelijke EU-VK lezing van de voorwaarden, gevolgen en implicaties van Brexit op de Goede Vrijdag-overeenkomst en de gemeenschappelijke reisruimte. Allen dat zou kunnen leiden tot technische en regelgevingsoplossingen die voorkomen dat er een ​​harde grens komt en tegelijkertijd de integriteit van de interne markt behouden blijft.

Europese Raad 19 en 20 oktober

Op 19 en 20 oktober is door de Europese Raad - in artikel 50 formatie -  geconcludeerd dat  er nog onvoldoende voortgang is geboekt in de onderhandelingen tussen de EU-27 en het VK over zijn terugtrekking. Er kan daarom nog niet over de toekomstige relatie gesproken worden. De Europese Raad zal tijdens haar bijeenkomst in december opnieuw de voortgang beoordelen. Indien die voldoende is op de hoofdonderwerpen zal hij aanvullende richtsnoeren aannemen voor een onderhandelingen over de toekomstige relatie en eventuele overgangsregelingen. De ER heeft de Raad en de Commissie opgeroepen om  wel al de nodige interne voorbereidingen te treffen voor de volgende fase van de onderhandelingen. 

12 oktober: patstelling

De onderhandelingen bevinden zich volgens EU-onderhandelaar Barnier in een impasse na de vijfde ronde die op 9 oktober van start ging. Barnier gaf aan dat de hoofdoorzaak hiervan het gebrek aan duidelijkheid is over wat May in Florence bedoelde toen zij zei dat het VK zijn verplichtingen zal nakomen die het is aangegaan tijdens het EU-lidmaatschap. Barnier zal de Europese Raad daarom niet kunnen meegeven dat er voldoende voortgang is geboekt in de onderhandelingen om al over de toekomstige relatie tussen de EU en het VK te kunnen praten.

Er is verder gesproken over de status van EU-burgers: gezinshereniging, de export van socialezekerheidsrechten en eenvoudige administratieve procedures, maar hoewel er voortgang is geboekt, zijn deze kwesties nog niet naar tevredenheid opgehelderd. Over Noord-Ierland zijn het VK en de EU het nu eens geworden over de zes uitgangspunten op basis waarvan de Good Friday Agreement zal moeten worden gewaarborgd.  

Barnier benadrukte dat het in deze onderhandelingen niet gaat om het vragen van of het zelf doen van concessies. DE EU en het VK hebben in de complexe onderhandelingen een gezamenlijk doel, gezamenlijke verplichtingen en het succes uit zich alleen in gezamenlijke oplossingen.

11 oktober: EU en VK stellen verdeling WTO quota voor

Hoewel de EU met het VK niet over hun wederzijdse toekomstige relatie wil praten voorlopig, heeft het wel een blik op de toekomst geworpen in het kader van de WTO. Op 11 oktober hebben het VK en de EU in een brief aan de WTO-leden uiteengezet hoe zij de bestaande niveaus van markttoegang voor andere WTO-leden willen handhaven. Kern daarvan is het streven om de toekomstige tariefquota van de EU en het VK na Brexit vast te kunnen stellen door de bestaande verbintenissen van de EU te verdelen op basis van handelsstromen in het kader van elk tariefquota. Zij stellen voor een gemeenschappelijke aanpak te volgen onder andere met betrekking tot gegevens en methodologie, en willen hierover actief met de WTO-leden in gesprek gaan. Er is nog geen officiële reactie van WTO-leden op de brief.

3 oktober verslag aan EP: directe werking akkoord en rechtsmacht EU-Hof noodzakelijk voor burgerschapsrechten

In zijn verslag aan het Europees parlement in Straatsburg op 3 oktober gaf Barnier aan dat de openingen in de speech van May in de vierde ronde resulteerden in concretere uitwerkingen door het VK op enkele aspecten van de rechten voor burgers.  Wat May bedoelde met ‘directe werking’ van die rechten, bleef onduidelijk. In dat verband wees Barnier ook de suggestie dat VK-rechters ‘rekening kunnen houden’ met de uitspraken van het EU-Hof als onvoldoende van de hand. Ook andere geschilpunten, waaronder gezinshereniging, de export van socialezekerheidsrechten en eenvoudige administratieve procedures zijn nog niet opgelost.

Enige toenadering  is bereikt over de uitgangspunten voor de Ierse kwestie met de beschrijving van de beginselen van de Common Travel Area en het Goede Vrijdag Akkoord. Ook hier is verdere uitwerking nog nodig.

Over de financiën bestaat nog veel verschil van inzicht. Barnier concludeerde, ondersteund door Commissievoorzitter Juncker, dat er nog onvoldoende vooruitgang geboekt is om aan de tweede fase, de transitieperiode en toekomstige relatie, te praten met het VK.
Het Europees Parlement deelde deze conclusie en riep in zijn resolutie van 3 oktober de Europese Raad op niet in te stemmen met een overgang naar de tweede fase van de onderhandelingen.

25-28 september vierde ronde: EU moet transitieperiode ook willen

De vierde ronde van onderhandelingen zijn - een week later dan gepland- van start gegaan op 25 september. Na afloop van de Raad algemene zaken op 25 september verklaarde Barnier dat de Unie zelf moet beslissen of een transitieperiode ook in haar belang is. Bij elke overgang moet het juridische en financiële kader van de interne markt in acht worden genomen. Hij citeerde daarbij de Europese Raad die op dit punt heeft aangegeven dat “indien een in de tijd beperkte verlenging van het EU-acquis wordt overwogen, dit vereist dat de bestaande instrumenten en structuren van de Unie op het gebied van regelgeving, begroting, toezicht, rechterlijke macht en handhaving worden toegepast". Het VK heeft echter niet concreet aangegeven wat een dergelijke periode omvat. Hoe dan ook ontheft de discussie over een overgangsperiode - op verzoek van het VK – de EU en het VK niet van de noodzaak om voldoende vooruitgang te boeken op met name EU-burgerschap, financiën en Noord-Ierland.

18 september entr’acte: de Florence speech van May

Op 18 september hield prime minister May een speech in Florence. Hierin vermeldde zij dat de terugtrekking van het VK uit de EU niet tot gevolg zal hebben dat de overige lidstaten meer zullen moeten betalen aan of minder ontvangen uit de EU-begroting. Ook wil het VK tijdens een transitieperiode twee jaar na terugtrekking deel uit blijven maken van de interne markt. Daarnaast wil het de samenwerking behouden op het gebied van veiligheid en justitie. Barnier noemde het een positieve stap vooruit maar benadrukte dat dit moet worden opgevolgd door een gedetailleerd uitgewerkte onderhandelingspositie van het VK.

Zowel het Britse positiepaper dat het VK eerder heeft gepubliceerd als de speech van May beoordeelde Barnier als onvoldoende ten aanzien van de Noord-Ierse kwestie. De EU is erop gericht om het Good Friday agreement te respecteren en tegelijkertijd de integriteit van de interne markt en de douane unie te behouden.

 

28-31 augustus derde ronde: eerst is vertrouwen nodig

Eind augustus vond de derde ronde in de onderhandelingen tussen de EU en het VK plaats in Brussel.

Na afloop gaf de EU-onderhandelaar Barnier aan dat er geen substantiële vooruitgang is geboekt op de hoofdonderwerpenburgers, financiële afwikkeling en de Ierse grens. Hij benadrukte dat hij is gebonden aan zijn mandaat van de Raad. Dat betekent dat er niet kan worden afgeweken van de volgorde die daarin is vastgelegd. Er moet eerst voldoende voortgang zijn in de terugtrekkingsbesprekingen voordat er over de toekomstige relatie kan worden gesproken.

Uit de Britse positiebepalingen die het heeft gepubliceerd, blijkt volgens Barnier dat het VK de controle terugneemt door eigen normen en voorschriften vast te stellen. Tegelijkertijd wil het ook dat deze normen automatisch in de EU worden erkend. Barnier benadrukte in zijn reactie dat dit onmogelijk is: het VK kan niet van buiten de interne markt de rechtsorde ervan vorm te geven. Tot slot benadrukte hij dat het voor de onderhandelingen nodige vertrouwen ontbreekt zolang er over de rechten van EU-burgers die na Brexit in het VK blijven onduidelijkheid bestaat, en het VK niet toezegt zijn financiële verplichtingen die het is aangegaan te willen nakomen.