C-635/19 Confederación Sindical Comisiones Obreras de Euskadi

Prejudiciële hofzaak

Zie bijlage voor de verwijzingsuitspraak, en klik hier voor het dossier van het Hof van Justitie (voor zover beschikbaar).

Termijnen: Motivering departement: 29 oktober 2019
Schriftelijke opmerkingen: 15 december 2019

Trefwoorden : overheidsopdrachten; aanbesteding; arbeidsovereenkomst;

Onderwerp :

- Richtlijn 2014/24/EU van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van richtlijn 2004/18/EG;

 

Feiten:

De Ayuntamiento de Arrigorriaga (lokale overheid) heeft een oproep tot mededinging uitgedaan voor de gunning van de opdracht “Thuishulpdienst”. De aankondiging van de opdracht werd op 30.04.2019 gepubliceerd in het Publicatieblad van de EU. De opdracht heeft betrekking op een dienst die is opgenomen in bijlage XIV bij richtlijn 2014/24 en de geraamde waarde ervan bedraagt meer dan €750.000,-. Op 15.05.2019 ontving het OARC (het voor beroepen inzake overheidsopdrachten bevoegde bestuursorgaan) het bijzondere beroep inzake overheidsopdrachten dat de vakvereniging Comisiones Obreras had ingesteld tegen het bestek van voornoemde opdracht. Op 16.05.2019 heeft het OARC de aanbestedende dienst verzocht om de stukken van het aanbestedingsdossier en het antwoord op het beroep als bedoeld in artikel 56(2) LCSP (wet inzake overheidsopdrachten tot omzetting van richtlijnen 2014/23 en 2014/24 in het Spaanse recht). Het OARC heeft voornoemde stukken op 21 en 29 mei ontvangen. Comisiones Obreras voert aan dat het bestek van de genoemde opdracht niet strookt met artikel 122(2) LCSP, waarin is bepaald dat het bestek moet voorzien in de verplichting voor de begunstigde inschrijver om de in de toepasselijke sectorale collectieve arbeidsovereenkomst vastgestelde loonvoorwaarden van de werknemers na te leven. De Ayuntamiento de Arrigorriaga voert aan dat de gekozen opdrachtnemer de arbeidsovereenkomsten van het personeel moet overnemen dat de dienst waarop de opdracht betrekking heeft, reeds verricht en dat in bijlage I bij het bestek van de opdracht reeds is vermeld dat de sectorale arbeidsovereenkomst waarnaar Comisiones Obreras verwijst, van toepassing is op het genoemde overgenomen personeel.

 

Overweging:

In casu moet verduidelijkt worden of een nationale regeling die aanbestedende diensten verplicht om in de aanbestedingsstukken een speciale voorwaarde voor de uitvoering van de opdracht op te nemen, waarbij de begunstigde inschrijver ertoe wordt verplicht ten minste de in de toepasselijke sectorale collectieve arbeidsovereenkomst vastgelegde loonvoorwaarden van de werknemers te garanderen, verenigbaar is met richtlijn 2014/24. Het OARC betwijfelt of artikel 122(2) LCSP verenigbaar is met richtlijn 2014/24 en heeft daarom beslist het onderhavige verzoek om een prejudiciële beslissing in te dienen.

 

Prejudiciële vraag:

Verzet richtlijn 2014/24/EU zich tegen een nationale regeling als artikel 122, lid 2, van de LCSP, die aanbestedende diensten verplicht om in het bestek van een overheidsopdracht een speciale voorwaarde voor de uitvoering van die opdracht op te nemen, waarbij de begunstigde inschrijver ertoe wordt verplicht minstens de in de toepasselijke sectorale collectieve arbeidsovereenkomst vastgelegde loonvoorwaarden van de werknemers te garanderen, zelfs wanneer die sectorale collectieve arbeidsovereenkomst volgens de regelgeving betreffende collectieve onderhandelingen en collectieve arbeidsovereenkomsten, volgens welke de bedrijfsovereenkomst met betrekking tot beloning voorrang geniet en een geldende collectieve overeenkomst om economische, technische, organisatorische of productiegerelateerde redenen buiten toepassing kan worden gelaten, niet bindend is voor de onderneming waaraan de overheidsopdracht is gegund?

 

Aangehaalde (recente) jurisprudentie: C-346/06; Arrest van 17 november 2015, RegioPost C-115/14;

Specifiek beleidsterrein: BZK; EZK;