Werknemers (vrij verkeer)

Werknemers (vrij verkeer)

Het vrij verkeer van werknemers is een belangrijk element van de interne markt. Het vormt de oorsprong van het bredere vrij verkeer van personen. In artikel 45 EU-Werkingsverdrag is vastgelegd dat 'het verkeer van werknemers binnen de Unie vrij is' en dat dit 'de afschaffing inhoudt van elke discriminatie op grond van de nationaliteit tussen de werknemers der lidstaten, wat betreft de werkgelegenheid, de beloning en de overige arbeidsvoorwaarden'. Een en ander wordt onder meer uitgewerkt in verordening 492/2011.

Overigens, het vrij verkeer van personen is niet alleen voorbehouden aan economisch actieven. Op grond van het burgerschap van de Unie heeft iedere burger het recht om op het grondgebied van de lidstaten te reizen en te verblijven, onder voorbehoud van de beperkingen en voorwaarden die bij het EU-Werkingsverdrag en de bepalingen ter uitvoering daarvan zijn vastgesteld (artikel 21 EU-Werkingsverdrag). Dit recht is verder uitgewerkt in richtlijn 2004/38. Alhoewel het EU-burgerschap inmiddels door het Hof in zaak C-184/99, Grzelczyk is aangeduid als de 'primaire hoedanigheid van de onderdanen van de lidstaten' biedt de status van werknemer nog altijd meer rechten. Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat het Hof van Justitie het burgerschap van de Unie steeds verder aankleedt. Zo oordeelde het Hof in de zaak C-413/99, Baumbast dat de op grond van artikel 21 EU-Werkingsverdrag toegestane beperkingen en voorwaarden wel proportioneel dienen te zijn. Lees ook de mededeling van de Europese Commissie van 13 juli 2010 over de rechten en belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van het vrij verkeer van werknemers.
Via het linkermenu komt u bij de volgende onderwerpen:

  • werkingssfeer vrij verkeer van werknemers
  • discriminatieverbod en uitzonderingen