Een nationale wettelijke regeling die een strafrechter de verplichting oplegt om zich volgens zijn innerlijke overtuiging over de tenlastelegging uit te spreken, zonder dat hij gebonden is aan de door de openbaar aanklager ter terechtzitting naar voren gebrachte bevindingen aangaande de schuld van de beklaagde, is niet in strijd met de EU-rechtelijke vereisten van onpartijdigheid en onafhankelijkheid van rechters. Dat is het antwoord van het EU-Hof op een prejudiciële vraag van een Bulgaarse rechter.
Nieuwsbericht | 04-08-2025
De nationale autoriteiten zijn verplicht om ervoor te zorgen dat de kwetsbaarheid van een beklaagde of verdachte wordt vastgesteld en erkend voordat deze persoon of die verdachte wordt ondervraagd in het kader van een strafprocedure of voordat er specifieke onderzoekshandelingen of handelingen voor het vergaren van bewijsmateriaal worden verricht. Tevens moeten die autoriteiten waarborgen dat die personen zonder onnodig uitstel en uiterlijk vóór het verhoor of vóór het verrichten van dergelijke handelingen, toegang hebben tot een advocaat in het kader van rechtsbijstand voor de strafprocedure. Dat is het antwoord van het EU-Hof op prejudiciële vragen van een Poolse rechter.
Nieuwsbericht | 22-05-2025
De Europese Commissie heeft Nederland een aanmaningsbrief gestuurd vanwege de niet-correcte omzetting van een EU-richtlijn op het gebied van de rechten van verdachten in het strafproces. Daarnaast heeft de Commissie Nederland met redenen omklede adviezen gestuurd vanwege de niet-omzetting van een EU-richtlijn met betrekking tot hernieuwbare energie en vanwege de onjuiste toepassing van de PSO-verordening bij de gunning van een concessie aan de NS voor personenvervoer via het spoor. Ten slotte heeft de Commissie besloten om Nederland voor het EU-Hof te dagen wegens niet-omzetting van de richtlijn betreffende niet-renderende leningen.
Nieuwsbericht | 12-02-2025
Deze bijstand moet uiterlijk worden aangeboden op het moment dat de minderjarigen voor het eerst door de politie worden ondervraagd. Dat is de uitspraak van het EU-Hof naar aanleiding van prejudiciële vragen van de Poolse rechter.
Nieuwsbericht | 11-09-2024
Het EU-recht bevat geen regeling voor de kwestie of de lidstaten kunnen bepalen dat in het kader van een strafprocedure de verdachte op zijn uitdrukkelijk verzoek via videoconferentie kan deelnemen aan de zittingen. Een dergelijke kwestie valt derhalve onder het nationale recht. De nationale regels moeten wel het recht op een eerlijk proces, het vermoeden van onschuld en de rechten van de verdediging eerbiedigen. Dat is het antwoord van het EU-Hof op een vraag van een Bulgaarse rechter.
Nieuwsbericht | 31-07-2024
De mogelijkheid voor een rechter om het ten laste gelegde op eigen initiatief of op voorstel van de beklaagde juridisch anders te kwalificeren dan het openbaar ministerie aanvankelijk had gedaan, is niet in strijd met de waarborgen van de rechterlijke onpartijdigheid zoals verankerd in het EU-Handvest van de grondrechten. De rechter moet de beklaagde wel tijdig op de hoogte brengen van de voorgenomen nieuwe kwalificatie, zodat deze persoon de gelegenheid heeft om zijn rechten van verdediging in het licht van de nieuwe in aanmerking genomen kwalificatie concreet en doeltreffend te kunnen uitoefenen. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Bulgaarse rechter.
Nieuwsbericht | 10-11-2023
Het is niet in strijd met het recht op een doeltreffende voorziening in rechte en het met het recht op een eerlijke behandeling van de zaak van een verdachte in de zin van het Handvest dat een nationale regeling de feitenrechter in strafzaken verbiedt om ambtshalve vast te stellen dat de bevoegde autoriteiten de verplichting niet zijn nagekomen om een verdachte onverwijld te informeren over zijn zwijgrecht. Wel moeten verdachten concreet en daadwerkelijk toegang hebben gehad tot een advocaat, en moeten zij, en in voorkomend geval hun advocaten, zowel het recht hebben gehad om toegang te krijgen tot hun dossier als om zich binnen een redelijke termijn te beroepen op deze niet-nakoming. Dat is het antwoord van het EU-Hof op prejudiciële vragen van de Franse rechter.
Nieuwsbericht | 04-07-2023
Een nationale rechter die een beslissing bij verstek wijst tegen een afwezige niet-gelokaliseerde verdachte of beklaagde, is niet verplicht om in die beslissing informatie op te nemen over het recht op een nieuw proces en de mogelijkheid om de beslissing aan te vechten. De keuze van de nadere regels voor het verstrekken van die informatie behoort tot de bevoegdheid van de lidstaten, zolang die informatie maar aan de betrokkene wordt verstrekt op het moment dat hij in kennis wordt gesteld van die beslissing. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Bulgaarse rechter.
Nieuwsbericht | 08-06-2023
Het recht van een beklaagde om bij zijn terechtzitting aanwezig te zijn moet zodanig worden gewaarborgd dat het in de gerechtelijke fase van de strafprocedure kan worden uitgeoefend op een wijze die voldoet aan de vereisten van een eerlijk proces. Dit recht waarborgt niet enkel de aanwezigheid van de beklaagde tijdens de zittingen die in het kader van de procedure tegen hem plaatsvinden, maar vereist ook dat deze persoon in staat is daar daadwerkelijk aan deel te nemen door de uitoefening van zijn rechten van verdediging. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Bulgaarse rechter.
Nieuwsbericht | 13-12-2022
In de aanbeveling worden minimumnormen vastgesteld, waarvan een aantal reeds in verschillende instrumenten is opgenomen. Het gaat onder meer om het gebruik van voorlopige hechtenis als uiterste middel en de invoering van periodieke toetsingen wanneer het gebruik ervan gerechtvaardigd is, de vaststelling van minimumnormen voor cel afmetingen, de duur van het verblijf buiten, de voedings- en gezondheidsomstandigheden alsmede om initiatieven met het oog op re-integratie en sociale rehabilitatie.
Nieuwsbericht | 12-12-2022
Toont 1 - 10 van 16 resultaten.