Nieuwsbrief griffie HvJ

Nieuwsbrief EU-Hof - Nederlandse griffie

De Nederlandse griffie van het EU-Hof publiceert vrijwel wekelijks een nieuwsbrief met daarin een aankondiging van arresten en conclusies. Onderstaand treft u de meeste recente nieuwsbrief aan.

 

Dinsdag 24 maart 2026


Arrest in zaak C-767/23 Remling (NL) (verwijzingsplicht nationale rechters)


Een Marokkaanse staatsburger, wiens echtgenote en kinderen in Nederland wonen en de Nederlandse nationaliteit bezitten, heeft in Nederland een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning. Die is geldig op het gehele grondgebied van de Europese Unie. Zijn aanvraag werd afgewezen op grond van het feit dat hij reeds in het bezit was van een verblijfsvergunning in Spanje. De Marokkaanse burger heeft bij de rechtbank van Den Haag, zitting houdende te Utrecht beroep ingesteld tegen deze afwijzing. Nadat zijn beroep was afgewezen, heeft hij beroep ingesteld bij de Raad van State. Die is van oordeel dat het antwoord op de door de Marokkaanse burger aan de orde gestelde vraag inzake de uitlegging van het Unierecht duidelijk voortvloeit uit de rechtspraak van het Hof. Bijgevolg zou hij niet verplicht zijn tot het stellen van een prejudiciële vraag en zou hij over het geschil kunnen beslissen door zijn beslissing summier te motiveren. 
Deze mogelijkheid om een summiere motivering te geven is voorzien in de nationale vreemdelingenwet. Zij weerspiegelt het door de Nederlandse wetgever beoogde evenwicht tussen de wens om de mogelijkheid tot het instellen van beroep in alle zaken betreffende het vreemdelingenrecht te veralgemenen en de noodzaak om de Raad van State in staat te stellen zijn onderzoek te concentreren op de vraagstukken die een antwoord vereisen in het belang van de eenheid van het recht, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in het algemeen. In dit verband heeft de Raad van State besloten het Hof van Justitie te raadplegen. 


Donderdag 26 maart 2026


Arrest in zaak C-58/25 Fremoluc en Association de Promotion des Droits Humains et des Minorités (BE) (Vlaamse Rand – woningbeleid)


Sinds 2023 staat een Vlaams decreet gemeenten waar de vastgoedprijzen bijzonder hoog liggen toe om de aankoop van bepaalde percelen of woningen gedurende negen maanden voor te behouden aan kopers wier inkomen onder bepaalde drempels ligt en die een band met de betreffende gemeente kunnen aantonen. Het decreet bepaalt dat gemeenten die besluiten dergelijke beperkingen toe te passen, namens de koper een deel van de prijs van het onroerend goed aan de verkoper betalen.
Fremoluc en de Association de Promotion des Droits Humains et des Minorités vorderen nietigverklaring van dat decreet bij het Grondwettelijk Hof. Volgens hen wordt de Belgische Grondwet geschonden, gelezen in samenhang met het EU-recht (met name de regels inzake staatssteun).


Arrest in zaak C-202/25 Tadmur (NL) (subsidiaire bescherming – gevaar openbare orde)


De Rechtbank Den Haag legt het Hof vragen over de volgende situatie. Een Syriër had in Nederland de status van subsidiair beschermde. Hij is veroordeeld voor verscheidene zeer ernstige misdrijven waardoor hij zijn status is verloren. De rechter wijst erop dat de betrokkenen in een soort intermediaire status terechtkomt. Als er geen terugkeerbesluit mag worden opgelegd (vanwege de situatie in Syrië), bestaat er geen verplichting om het grondgebied van de Unie te verlaten, terwijl hij zolang hij onder de werkingssfeer van richtlijn 2008/115 valt, zich kan blijven beroepen op de rechten die zowel door het Handvest van de Grondrechten als door richtlijn 2008/115 worden gewaarborgd. Hij kan evenwel geen andere rechten doen gelden. 


Conclusie in gevoegde zaken C-266/24 P   Commissie/Ryanair - C-269/24 P Koninklijke Luchtvaart Maatschappij / Ryanair - C-289/24 P   Société Air France et Air France-KLM / Ryanair (staatssteun KLM)


In 2020 heeft de Nederlandse regering KLM steun verleend ten tijde van de COVID-crisis. Het ging om een staatsgarantie voor een lening en staatslening ten belope van 3,4 miljard euro. De Commissie keurde die steun goed, maar het Gerecht vernietigde die goedkeuringsbeslissing in 2021 op verzoek van Ryanair wegens gebrekkige motivering (T 643/20). In 2021 keurde de Commissie de betrokken steun opnieuw goed, maar ook die goedkeuring werd nietig verklaard door het Gerecht, in 2024 (T 146/22). De AG neem thans conclusie in hogere voorziening.