Contentverzamelaar

Brexit: onderhandelingsrichtsnoeren voor overgangsperiode
Na het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de EU kunnen de EU-regels en de internationale overeenkomsten van de EU nog een beperkte periode van kracht blijven. Ook nieuwe regels kunnen van toepassing worden. Maar het VK kan daarover niet meer meebeslissen. Deze boodschap hebben de EU-27 meegegeven aan EU-onderhandelaar Barnier.

Op 29 januari 2018 heeft de Raad (minus het VK) de aanvullende onderhandelingsrichtsnoeren voor hoofdonderhandelaar Barnier vastgesteld. De Raad geeft daarmee een aanvullend mandaat aan hoofdonderhandelaar Barnier. Het mandaat bepaalt onder meer dat de EU27 ervanuit gaat  dat tijdens de overgangsperiode het gehele acquis communautaire blijft gelden. Het VK blijft dus deel uitmaken van de interne markt, de douane unie en onderworpen aan het toezicht van de Commissie en de jurisdictie van het EU Hof van Justitie. Nieuwe EU-regelgeving die gedurende de overgang wordt aangenomen is ook op het VK van toepassing. Barnier gaf na afloop van de Raad aan dat het VK gedurende die fase ook de voordelen behoudt van de internationale overeenkomsten van de EU met derde landen, maar dat hij niet uitsluit dat derde landen dat mogelijk anders zien.

Het VK is als zgn. derde land gedurende de overgangsfase echter niet meer vertegenwoordigd in de EU-instellingen en maakt geen deel uit van hun vergaderingen en besluitvorming. Bij uitzondering kan het wel uitgenodigd worden om als toehoorder deel te nemen. De overgangsregelingen gaan in op het moment dat het terugtrekkingsakkoord in werking treedt (uiterlijk 29 maart 2019) en lopen door tot uiterlijk 31 december 2020.

Meer informatie: