EU-Hof: de vermeende onevenredigheid tussen de opgelegde straf en de ernst van het strafbare feit volstaat op zich niet om de tenuitvoer-legging van een Europees aanhoudingsbevel te weigeren
Nieuwsbericht | 03-11-2026
Het gaat om het arrest van het EU-Hof van 3 november 2026 in de zaak C-583/24, Tagu.
Het EU-Hof oordeelt dat de tenuitvoerlegging van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) in uitzonderlijke gevallen wel kan worden geweigerd. Met name wanneer de wetgeving van de uitvaardigende lidstaat voorziet in de mogelijkheid of zelfs de verplichting om gevangenisstraffen op te leggen die zo onevenredig zijn dat zij neerkomen op een onmenselijke of vernederende bestraffing, of wanneer die wetgeving geen rekening houdt met de ernst van het strafbare feit en geen ruimte laat om de individuele omstandigheden van de betrokkene mee te wegen.
Voor meer informatie over het arrest verwijzen wij u graag door naar het Persbericht van Curia.