Forse hervorming visserijbeleid voorgesteld

Contentverzamelaar

Forse hervorming visserijbeleid voorgesteld
De Europese Commissie wil het roer van het gemeenschappelijk visserijbeleid letterlijk en figuurlijk flink omgooien. Het doel: de visstanden in de EU op peil brengen én de welvaart van vissers behouden. De Commissie wil de visserij duurzaam maken en wil af van de afhankelijkheid van de Europese vissers van EU-subsidies. Een opmerkelijk voorstel is om het teruggooien van bijvangst te verbieden. 90% van de bijvangst wordt hierdoor gedood. Doel is om per 1 januari 2013 de nieuwe regels in te laten gaan.

De instandhouding van de biologische rijkdommen van de zee in het kader van het gemeenschappelijk visserijbeleid is een exclusieve bevoegdheid van de EU (artikel 3, lid 1 onder d EU-Werkingsverdrag). De lidstaten mogen op dat terrein niet meer alleen optreden.

Klik hier voor een overzicht van het hervormingspakket van de Commissie.

De hoofdpunten van het voorstel van de Commissie:

  • alle visbestanden moeten tegen 2015 op een duurzaam niveau worden gebracht overeenkomstig de internationale verbintenissen van de EU;
  • voor alle visserijtakken zal een ecosysteemgerichte benadering worden vastgesteld, met langetermijnbeheersplannen die worden opgesteld op basis van het beste beschikbare wetenschappelijke advies;
  • de teruggooi van ongewenste vangsten – en de daarmee gepaard gaande verspilling van voedselbronnen en economische verliezen – zal geleidelijk worden afgeschaft. De vissers zullen alle vis die zij vangen, aan land moeten brengen;
  • de voorstellen behelzen ook streefdoelen en termijnen om een einde te maken aan de overbevissing, marktgebaseerde maatregelen zoals individuele verhandelbare vangstaandelen, steunmaatregelen voor kleinschalige visserijtakken, maatregelen voor een betere gegevensverzameling en strategieën om de duurzame aquacultuur in Europa te bevorderen;
  • de consumenten zullen beter worden geïnformeerd over de kwaliteit en de duurzaamheid van de producten die zij kopen;
  • de algemene beginselen en doelstellingen van het beleid zullen in Brussel worden voorgeschreven en het wordt aan de lidstaten overgelaten de meest adequate instandhoudingsmaatregelen vast te stellen en toe te passen. Deze aanpak zal het proces vereenvoudigen en zal leiden tot oplossingen die zijn toegesneden op de regionale en lokale behoeften;
  • de marktdeelnemers in de hele visserijsector zullen hun eigen economische beslissingen moeten nemen om de vlootomvang op de visserijmogelijkheden af te stemmen. De vissersorganisaties zullen een grotere rol krijgen in het aansturen van het marktaanbod en het verhogen van de winst van de vissers;
  • er zal uitsluitend financiële steun worden verleend voor milieuvriendelijke initiatieven die bijdragen tot slimme en duurzame groei. Een strikt controlemechanisme moet uitsluiten dat onrechtmatige steun wordt toegekend voor illegale activiteiten of overcapaciteit;
  • in het kader van internationale instanties en in het kader van haar betrekkingen met derde landen zal de EU conform haar eigen beleid optreden en een goed bestuur en een gezond beheer van de zeeën stimuleren.

Volgens staatssecretaris Bleeker (EL&I) liggen de plannen van de Commissie in lijn met de Nederlandse visie op de hervorming van het GVB. Nederland vindt een forse herziening van het Europees visserijbeleid noodzakelijk. De Europese visbestanden zitten weliswaar in de lift, maar een te groot deel van de Europese wateren wordt nog niet duurzaam bevist.
Op een aantal punten gaat de hervorming van het visserijbeleid Nederland niet ver genoeg. Zoals het vereenvoudigen en transparanter maken van het besluitvormingsproces en de betrokkenheid daarbij van bijvoorbeeld de visserijsector en maatschappelijke organisaties. Volgens Nederland moet hun rol worden vergroot. Dit kan door meer verantwoordelijkheden op regionaal niveau te leggen, bijvoorbeeld bij de lidstaten rond de Noordzee.