Het begrip zelfstandige

Het begrip zelfstandige

Op deze pagina:

Inleiding

Artikel 49, eerste alinea, eerste volzin, EU-Werkingsverdrag bepaalt dat alle beperkingen ten aanzien van de vrijheid van vestiging voor EU-onderdanen op het grondgebied van een andere lidstaat verboden zijn. De vrijheid van vestiging heeft betrekking op de beroepsuitoefening door zelfstandigen.

Onderscheid met andere vrijheden

Net als bij het vrij verkeer van diensten (artikel 56 EU-Werkingsverdrag) staat bij de vrijheid van vestiging het verrichten van diensten centraal. Het vrij verkeer van diensten veronderstelt echter dat er op tijdelijke basis diensten in een andere lidstaat worden verricht, terwijl de dienstverrichter zich bij de vrijheid van vestiging duurzaam in een andere lidstaat vestigt. Het EU-Hof oordeelde in dit kader dat onder het begrip vestiging wordt verstaan:

"dat een gemeenschapsonderdaan duurzaam kan deelnemen aan het economische leven van een andere lidstaat dan zijn staat van herkomst, daar voordeel uit kan halen en op die wijze de economische en sociale vervlechting in de Gemeenschap op het terrein van niet in loondienst verrichte werkzaamheden kan bevorderen" (C-55/94, Gebhard).

Daarnaast richt de vrijheid van vestiging zich op het terrein van niet in loondienst verrichte werkzaamheden. Grensoverschrijdende werkzaamheden die in loondienst worden verricht vallen namelijk onder het vrij verkeer van werknemers (artikel 45 EU-Werkingsverdrag) en niet onder de vrijheid van vestiging of het vrij verkeer van diensten.