Politiek akkoord bereikt over herziening EU-regels over gecombineerde werk- en verblijfsvergunning

Contentverzamelaar

Politiek akkoord bereikt over herziening EU-regels over gecombineerde werk- en verblijfsvergunning

Het politieke akkoord tussen Europees Parlement en Raad ziet op het voorstel voor een richtlijn over een gecombineerde werk- en verblijfsvergunning voor burgers en arbeiders uit derde landen. De herziene regels voorzien in één enkele aanvraagprocedure voor een gecombineerde werk- en verblijfsvergunning voor de EU en in een gemeenschappelijk pakket rechten voor werknemers uit niet-EU-landen op het gebied van arbeidsvoorwaarden, sociale zekerheid, erkenning van kwalificaties en belastingvoordelen.

Het gaat om het op 18 december 2023 tussen de Raad en het Europese Parlement bereikte politieke akkoord over het eerdere voorstel van de Europese Commissie van april 2022 voor een Richtlijn betreffende één enkele aanvraagprocedure voor een gecombineerde vergunning voor onderdanen van derde landen om te verblijven en te werken op het grondgebied van een lidstaat, alsmede inzake een gemeenschappelijk pakket rechten voor werknemers uit derde landen die legaal in een lidstaat verblijve n (COM(2022) 655) .
Het politieke akkoord moet nu eerst formeel worden goedgekeurd door de medewetgevers. Daarna treedt de richtlijn twintig dagen na publicatie in het Publicatieblad in werking en hebben de lidstaten 2 jaar de tijd om de bepalingen van de richtlijn om te zetten in nationale wetgeving.

Achtergrond
Om wereldwijd concurrerend te blijven, moet de EU talent kunnen aantrekken voor die gebieden waar ze het meest behoefte aan heeft. Door met het juiste talent en de juiste vaardigheden in te spelen op de behoeften van de arbeidsmarkt worden groei en innovatie bevorderd. De nieuwe regels in de voorgestelde richtlijn zullen bijdragen aan deze doelstelling door de aanvraagprocedure voor ‘een gecombineerde (werk- en verblijfs)vergunning’ voor de EU te stroomlijnen en deze tegelijkertijd doeltreffender te maken voor werknemers en werkgevers van buiten de EU. Ook beoogt deze herziening de bescherming van de rechten van niet-EU-werknemers en hun bescherming tegen arbeidsuitbuiting te verbeteren.

Doelen herziene richtlijn
Na goedkeuring zal deze herziene wetgeving:

- Onderdanen van niet-EU-landen in staat stellen een gecombineerde vergunning aan te vragen. Niet alleen vanuit niet-EU-landen maar ook vanuit een lidstaat als ze al in die lidstaat verblijven op basis van een verblijfsvergunning;

- Snellere aanvraagprocedures invoeren om internationale werving te vergemakkelijken;

- Zorgen voor een betere bescherming van werknemers uit niet-EU-landen, onder meer door de invoering van het recht om van werkgever te veranderen en invoering van een minimumperiode van werkloosheid tijdens welke een gecombineerde vergunning niet mag worden ingetrokken. Dit betekent dat werknemers tijdens de geldigheidsduur van de vergunning het recht hebben van werkgever te veranderen en toch legaal in de lidstaat te blijven;

- Ervoor zorgen dat personen die overeenkomstig de nationale wetgeving bescherming genieten, aanspraak kunnen maken op gelijke behandeling als zij mogen werken;

- Nieuwe verplichtingen voor de lidstaten opnemen om te voorzien in inspecties, monitoringmechanismen en sancties tegen werkgevers die de rechten van werknemers van buiten de EU schenden, met inbegrip van de rechten inzake gelijke behandeling.

Meer informatie:
Persbericht Europese Commissie
ECER-dossier: Werknemers (vrij verkeer)
ECER-dossier: Vestiging (vrij verkeer)
ECER-dossier: Burgerschap van de Unie- reis en verblijfsrechten