Richtlijn milieustrafrecht aangenomen

Contentverzamelaar

Richtlijn milieustrafrecht aangenomen
Tijdens de JBZ-raad van 24 oktober 2008 is de richtlijn inzake de beschermingvan het milieu door middel van het strafrecht aangenomen. Het opnemen van strafrechtelijke bepalingen in een EG-richtlijn is bijzonder. Normaal wordt dit geregeld in een kaderbesluit van de EU. De richtlijn heeft dan ook een interessante totstandkomingsgeschiedenis.

Oorspronkelijk had de Raad de strafrechtelijke bepalingen opgenomen in een kaderbesluit op grond van het EU-Verdrag. De Commissie was echter van oordeel dat een richtlijn op grond van het EG-Verdrag over de handhaving van milieubepalingen ook strafrechtelijke bepalingen mocht bevatten. De Commissie legde de zaak voor aan het EG-Hof en trok uiteindelijk aan het langste eind.
In het arrest C-176/03 (Commissie/ Raad) is door het Hof voor het eerst bepaald dat strafrechtelijke harmonisatie door middel van de eerste pijler (EG-Verdrag) mogelijk is. Naast een juridisch baanbrekend arrest, betekende nietigverklaring van het toen geldige EU-kaderbesluit ook dat het beleid voor de bescherming van het milieu een flinke deuk opliep. De nieuwe communautaire richtlijn moet aan deze onzekere situatie een einde maken.

De richtlijn schrijft voor welke gedragingen strafrechtelijk moeten worden aangepakt door de lidstaten. Het uitdrukkelijk voorschrijven van strafrechtelijke sancties in communautaire wetgeving is een nieuw fenomeen in het Europese recht. Vanwege de (grensoverschrijdende) omvang en schade van milieudelicten is het in overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel dat de Gemeenschap deze maatregel neemt. De lidstaten hebben in de richtlijn wel de ruimte gekregen om strenger op te treden tegen milieudelicten. Er is dus sprake van minimumharmonisatie.
De richtlijn stelt niet de aard en de hoogte van de straffen vast, maar omschrijft welke handelingen strafbaar moeten worden gesteld.

Binnenkort zal de tekst van de richtlijn gepubliceerd worden in het Publicatieblad van de Europese Unie. De inwerkingtreding is op de twintigste dag hierop volgend. De richtlijn moet uiterlijk 24 maanden na inwerkingtreding zijn geïmplementeerd in nationale wetgeving.

Klik hier voor de volledige tekst van de richtlijn.

Zie voor meer informatie over strafrecht in de eerste pijler het ICER-advies uit 2006.

Het ECER organiseerde hierover in 2006 een seminar.