Advies van de Raad van State over het Eigenmiddelenbesluit

Contentverzamelaar

Advies van de Raad van State over het Eigenmiddelenbesluit
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft advies uitgebracht over het wetsvoorstel dat het besluit van de Raad van de Europese Unie over het stelsel van de eigen middelen van de Europese Unie goedkeurt.

In december 2020 heeft de Raad van de EU een besluit aangenomen over het stelsel van de eigen middelen van de Europese Unie (het zogenoemde ‘Eigenmiddelenbesluit’). In dat besluit staan afspraken over de financiering van de EU-Begroting en wordt vastgesteld welke eigen middelen de EU heeft voor de uitvoering van het EU-beleid.

De algemene regels over eigen middelen van de EU, het Meerjarig Financieel Kader (MFK) en de jaarlijkse begroting van de EU zijn terug te vinden in
artikel 310 ev. van het EU-Werkingsverdrag .

Het wetsvoorstel ter goedkeuring van het Eigenmiddelenbesluit

Na de goedkeuring en vaststelling van het Eigenmiddelenbesluit door de Raad van de EU dienden alle lidstaten een nationaal ratificatieproces van het Eigenmiddelenbesluit te doorlopen. De inwerkingtreding van een Eigenmiddelenbesluit is namelijk afhankelijk van de goedkeuring van de nationale parlementen van dat besluit (artikel 311, derde alinea, derde volzin, EU-Werkingsverdrag).

Met het wetsvoorstel beoogt Nederland de goedkeuring door het Nederlandse parlement van het Eigenmiddelenbesluit te regelen. Het wetsvoorstel (Kamerstuk 35 711, nr. 2) is -inclusief het door de Raad van State afgegeven en openbaar geworden
advies (Kamerstuk 35 711, nr. 4)- op 25 januari 2021 bij de Tweede Kamer ingediend.

 

Het NextGenerationEU-instrument

Bij de vaststelling van het Meerjarig Financieel Kader (MFK) voor de periode 2021-2027 is tegelijkertijd een extra en nieuw herstelinstrument ter waarde van in totaal 750 miljard euro vastgesteld. Dit herstelinstrument wordt het NextGenerationEU-instrument (NGEU) genoemd (verordening 2020/2094). In het Eigenmiddelenbesluit zijn ook specifieke bepalingen opgenomen voor de financiering van dit nieuwe NGEU.

Het NGEU is gericht op financiering aan EU-lidstaten via subsidies en leningen en dient ten behoeve van investeringen en hervormingen in het kader van de herstelmaatregelen die als gevolg van de coronacrisis nodig zijn. In het Eigenmiddelenbesluit wordt de Commissie gemachtigd om voor de financiering van het NGEU-herstelfonds geld op te halen op de kapitaalmarkten (artikel 5, Besluit 2020/2053). Uiteindelijk staan de lidstaten garant voor deze verplichtingen (ook ten opzichte van elkaar).


Het advies van de Raad van State

De Afdeling advisering van de Raad van State gaat in haar advies expliciet in op deze nieuwe financieringsconstructie die wordt geïntroduceerd. Het is volgens de Afdeling advisering niet voor het eerst dat voor de financiering van een Europees fonds middelen op de kapitaalmarkt kunnen worden opgehaald, maar tot dusver werden deze middelen alleen aangewend om leningen te verstrekken aan lidstaten. Bij het NGEU wordt de Europese Commissie gemachtigd om voor financiering van haar uitgaven middelen op de kapitaalmarkt aan te trekken. Ook constateert de Afdeling advisering dat afwijkend ten opzichte van de huidige situatie is, dat de uitgaven die uit het NGEU worden gedaan veel groter zijn dan de uitgaven die uit bestaande fondsen worden gedaan.

Daarnaast vindt de Raad van State het opvallend dat lidstaten garant staan voor de EU en voor elkaar, mocht de EU lidstaten op hun garantstelling aanspreken. Tot dusver leken de financiële Verdragsbepalingen eraan in de weg te staan dat de EU-middelen op de kapitaalmarkten aantrekt voor haar beleidsuitgaven.

Precedentwerking

De Afdeling advisering van de Raad van State constateert dat de EU-wetgever en de lidstaten met het vaststellen van dit Eigenmiddelenbesluit zich op het standpunt hebben gesteld dat deze manier van financiering wel binnen de kaders van de EU-Verdragen past, omdat die uitdrukkelijk tijdelijk en eenmalig is bedoeld. Naar het oordeel van de Afdeling advisering is niet uitgesloten dat zich in de toekomst vaker situaties zullen voordoen waarin voor een dergelijke manier van financiering wordt gekozen, aangezien voortaan vaststaat dat de financiële Verdragsbepalingen daar niet principieel aan in de weg staan. Daarbij kan volgens de Afdeling advisering bijvoorbeeld gedacht worden aan de invoering van euro-obligaties.

Gevolgen garantstelling

De Afdeling advisering van de Raad van State vraagt in haar advies aandacht voor de gevolgen van de in het Eigenmiddelenbesluit opgenomen garantstelling. Als de Commissie er niet in slaagt aan haar betalingsverplichtingen te voldoen, moeten de lidstaten de Commissie de nodige middelen verstrekken. Doet een lidstaat dat niet, dan kan de Commissie daarvoor bij de andere lidstaten aankloppen. Dit betekent volgens de Afdeling advisering dus dat de financiële risico’s uiteindelijk bij de lidstaten liggen en deze kunnen aanzienlijk zijn. In het advies wordt aangegeven dat het ten behoeve van de beraadslagingen in het parlement van belang is dat de financiële gevolgen hiervan in kaart worden gebracht.

Meer informatie:

* Persbericht Raad van State
* ECER-dossier : Begroting
* ECER-bericht : Raad en Europees Parlement stemmen in met MFK 2021-2027 (11 januari 2020)