C-578/25 Ariez
Dit fiche is slechts een samenvatting. De verwijzingsbeschikking is bepalend
Zie bijlage voor de verwijzingsuitspraak, en klik hier voor het dossier van het Hof van Justitie (voor zover beschikbaar).
Termijnen: Motivering departement: 27 oktober 2025 Schriftelijke opmerkingen: 13 december 2025
Trefwoorden: herstructurering en insolventie, evenredigheid, kwijtschelding schuld
Onderwerp: Richtlijn 2019/1023 betreffende preventieve herstructureringsstelsels [..]: artikel 20 en 23, lid 2.
Verzoeker Oscar is in 2020 failliet verklaard, en vraagt de belastingdienst om kwijtschelding van zijn niet-voldane schuld. Volgens de belastingdienst kan zijn schuld op basis van de nationale wetgeving niet worden kwijtgescholden, omdat hij nog niet-betaalde schulden heeft die zijn vastgesteld op basis van een definitief besluit. De Spaanse rechter vraagt of de nationale, en in feite absolute, uitsluiting van kwijtschelding verenigbaar is met richtlijn 2019/1023, en met het evenredigheidsbeginsel.
Prejudiciële vragen: Moet artikel 487, lid 1, punt 2, TRLC, nadat de evenredigheidstoets in de zin van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 7 november 2024 [C-289/23] is verricht en die toetsing heeft geleid tot de conclusie dat die bepaling niet strookt met het evenredigheidsbeginsel, worden geacht in strijd te zijn met artikel 20 van richtlijn 2019/1023 betreffende herstructurering en insolventie? Wat zou het praktische gevolg – in de zin van een mogelijke rechtstreekse opwaartse verticale werking van de richtlijn – van de eventuele onevenredigheid van artikel 487, lid 1, lid 2, TRLC zijn, gelet op het feit dat volgens nationale rechtspraak met betrekking tot die van het Hof van Justitie van de Europese Unie, het beginsel van conforme uitlegging niet van toepassing wordt geacht omdat er geen conclusie contra legem mag worden getrokken?
Aangehaalde (recente) jurisprudentie: C-289/23; C-305/23.
Specifiek beleidsterrein: JenV