Europese Commissie wil haatzaaiende uitlatingen en haatmisdrijven toevoegen aan de lijst van EU-misdrijven

Contentverzamelaar

Terug Europese Commissie wil haatzaaiende uitlatingen en haatmisdrijven toevoegen aan de lijst van EU-misdrijven

De EU-wetgever is ten aanzien van EU-misdrijven bevoegd om maatregelen vast te stellen op het gebied van de strafbaarstelling van bepaalde feiten en de sanctionering daarvan. De Raad kan die lijst van EU-misdrijven met instemming van het Europees Parlement uitbreiden. De Europese Commissie verzoekt de Raad om een besluit vast te stellen op basis waarvan de lijst van EU-misdrijven wordt uitgebreid tot haatzaaiende uitlatingen en haatmisdrijven.

Het gaat om de mededeling van de Europese Commissie: uitbreiding van de lijst van EU-misdrijven tot uitingen van haat en haatdelicten. De mededeling is op 9 december 2021 gepresenteerd. 

Achtergrond

In haar toespraak over de “Staat van de Europese Unie 2020” kondigde Commissievoorzitter Von der Leyen aan dat de Commissie zou voorstellen om de lijst van EU-misdrijven uit te breiden tot alle vormen van haatmisdrijven en haatzaaiende uitlatingen, ongeacht of deze verband houden met ras, godsdienst, geslacht of seksualiteit. Volgens de Commissie zijn alle vormen en uitingen van haat en onverdraagzaamheid onverenigbaar met de waarden van de EU (artikel 2 EU-Verdrag) en de gelijkheidsrechten uit het EU-Handvest van de grondrechten.

Volgens de Commissie treffen haatzaaiende uitlatingen en haatmisdrijven individuele slachtoffers en hun gemeenschappen, waardoor zij lijden en hun grondrechten en fundamentele vrijheden worden beperkt. In de afgelopen decennia is het aantal haatzaaiende uitlatingen en haatmisdrijven in de EU sterk toegenomen. Haat wordt steeds meer gemeengoed en is gericht tegen individuen en groepen mensen die “een gemeenschappelijk kenmerk” delen of een combinatie van dergelijke kenmerken. Deze kenmerken vallen in het algemeen op voor anderen en zijn daarom gemakkelijker het doelwit van daders. De Commissie benadrukt dat door de toename van het gebruik van internet en sociale media er in de loop van de jaren ook meer haatzaaiende taal online is gekomen.

De Commissiemededeling

Artikel 83, lid 1, tweede alinea van het EU-Werkingsverdrag bevat een uitputtende lijst van vormen van criminaliteit waarvoor het Europees Parlement en de Raad minimumvoorschriften kunnen vaststellen betreffende de bepaling van strafbare feiten en sancties die in alle lidstaten van de EU gelden. Die lijst wordt de lijst van EU-misdrijven genoemd.

Daarnaast bepaalt de derde alinea van artikel 83, lid 1, EU-Werkingsverdrag dat de Raad een besluit kan vaststellen op basis waarvan de Raad de lijst met EU-misdrijven kan uitbreiden tot nieuwe vormen van bijzonder zware criminaliteit met een grensoverschrijdende dimensie. De Europese Commissie heeft op 9 december 2021 een mededeling gepresenteerd waarin zij de Raad verzoekt om een besluit vast te stellen op basis waarvan haatzaaiende uitlatingen en haatmisdrijven worden toegevoegd aan de lijst van EU-misdrijven.

De aanneming van een dergelijk Raadsbesluit zou een eerste stap zijn naar de totstandbrenging van de rechtsgrondslag die nodig is om in een tweede fase een gemeenschappelijk rechtskader aan te nemen ter bestrijding van haatzaaiende uitlatingen en haatmisdrijven in de gehele EU. De EU-wetgever zal dan bevoegd zijn om maatregelen vast te stellen op het gebied van de strafbaarstelling van bepaalde haatzaaiende uitlatingen en haatmisdrijven, en de sanctionering daarvan.

Meer informatie: