T-237/02,Technische Glaswerke Ilmenau GmbH, arrest van 14 december 2006

Contentverzamelaar

T-237/02,Technische Glaswerke Ilmenau GmbH, arrest van 14 december 2006

Signaleringsfiche
Arrest van het Gerecht van eerste aanleg van 14 december 2006, in zaak T-237/02, Technische Glaswerke Ilmenau GmbH tegen de Commissie van de Europese Gemeenschappen

Betrokken departementen
BZK, EZ, V&W, SZW, VWS, VROM.

Sleutelwoorden
Toegang tot documenten – Verordening (EG) nr. 1049/2001 – Controleprocedure betreffende staatssteun – Uitzondering met betrekking tot bescherming van doel van onderzoeken –Verplichting om concreet en individueel onderzoek te verrichten –

Beleidsrelevantie
Het onderhavige arrest heeft betrekking op de wijze van afhandeling door de Commissie van de Europese Gemeenschappen (hierna: Commissie) van een verzoek om toegang tot documenten in het kader van staatssteunprocedures. De relevantie van het arrest strekt zich uit tot alle departementen en overige overheidsinstellingen die verzoeken op grond van de EG-verordening nr. 1049/2001 ( hierna: Eurowob) ontvangen. Van belang is dat verzoeken om toegang tot documenten met betrekking tot staatssteunprocedures niet anders behoren te worden behandeld dan verzoeken op andere rechtsterreinen.

Samenvatting van feiten, redenering en dictum
Op 1 maart 2002 heeft de Duitse onderneming Technische Glaswerke Ilmeneau GmbH (hierna: Technische Glaswerke) de Commissie op grond van de Eurowob verzocht om toegang tot onder meer alle documenten in de dossiers van de Commissie van alle lopende en afgeronde staatssteunzaken inzake Technische Glaswerke. Dit verzoek heeft de Commissie afgewezen stellende, met een beroep op artikel 4, tweede lid van de Eurowob, dat openbaarmaking de bescherming van het doel van onderzoek en inspectie naar staatssteun zou kunnen ondermijnen.

Het Gerecht stelt allereerst vast dat het verzoek van Technische Glaswerke onder de reikwijdte van de Eurowob valt. Het Gerecht kijkt vervolgens of de Commissie de door haar ingeroepen uitzonderingsgrond (bescherming van het doel van inspecties, onderzoeken en audits van de Commissie) juist heeft toegepast. Onder verwijzing naar vaste rechtspraak stelt het Gerecht dat de omstandigheid dat een document een door een uitzondering beschermd belang betreft, nog niet voldoende is om deze uitzonderingsgrond zonder meer toe te passen. Een instelling die zich op een uitzonderingsgrond van de Eurowob wil beroepen, dient in de eerste plaats te beoordelen of de toegang tot een document concreet en daadwerkelijk afbreuk doet aan het beschermde belang en ten tweede of een hoger openbaar belang niet alsnog openbaarmaking van het document gebiedt. Een instelling is met andere woorden verplicht een concreet en individueel onderzoek naar de inhoud van de verlangde documenten te verrichten. Het maakt hierbij niet uit of het om staatssteun of een ander rechtsgebied gaat.
Het Gerecht geeft verder aan dat een afwijking van deze onderzoeksplicht alleen in uitzonderlijke gevallen is toegestaan. Enerzijds geldt deze plicht niet in situaties waarbij het overduidelijk is dat de toegang moet worden geweigerd of juist moet worden verleend (dit is met name het geval wanneer bepaalde documenten ofwel overduidelijk volledig onder een uitzondering op het recht van toegang vallen, ofwel, integendeel, overduidelijk volledig toegankelijk zijn, ofwel door de Commissie in soortgelijke omstandigheden reeds concreet en individueel zijn onderzocht). Anderzijds vervalt de onderzoeksplicht wanneer de administratieve last van het concrete en individuele onderzoek van de documenten bijzonder groot blijkt te zijn. De Commissie had op deze bijzondere mogelijkheden voor afwijking geen beroep gedaan.
Het Gerecht heeft, bij gebreke van een concreet en individueel onderzoek door de Commissie van het verzoek om openbaarmaking, het besluit van de Commissie nietig verklaard, voor zover toegang wordt geweigerd tot de documenten betreffende de onderzoeksprocedures van Technische Glaswerke. De Commissie zal derhalve een nieuw besluit dienen te nemen.

Eerste inventarisatie van de mogelijke effecten
Het Gerecht bevestigt de lijn van het arrest van 13 april 2005 in zaak T-2/03 (VKI). Bij verzoeken om toegang tot documenten betreffende staatssteun kan niet in het algemeen worden geantwoord dat die documenten in hoofdregel vertrouwelijk zijn. De instelling moet ook in het geval van staatssteun de documenten waarvan openbaarmaking wordt verzocht aan een concreet en individueel onderzoek onderwerpen. Kennisneming van de uitspraak is nuttig aangezien naar aanleiding van een verzoek om informatie niet op grond van de (Nederlandse) Wob integraal en in zijn algemeenheid openbaarmaking kan worden geweigerd op grond van de uitzondering ‘internationale betrekkingen’ (artikel 10, tweede lid, onder a van de Wob). Verder is de uitspraak redelijk in lijn met de Nederlandse praktijk waarin, volgens vaste jurisprudentie, ook een onderzoeksplicht geldt, zodat per (onderdeel van een) document moet worden beoordeeld of een uitzondering of beperking aan openbaarmaking in de weg staat. In de Nederlandse rechtspraktijk geldt echter een bijzonder grote administratieve last in beginsel niet als een uitzondering op bovengenoemde onderzoeksplicht.
Tot slot zij opgemerkt dat vanuit het interdepartementale Wob-overleg in mei 2003 een document “Uniforme behandelwijze voor informatieverzoeken inzake EU-gerelateerde documenten” is opgesteld.

Voorstel voor behandeling
De ICER zendt het fiche en het arrest ter kennisneming aan alle ministers. De ICER verzoekt de minister van BZK om doorzending van het fiche en het arrest aan het interdepartementale Wob-overleg. Een vervolgfiche is niet noodzakelijk.