T-746/25 Ryanair  

Contentverzamelaar

T-746/25 Ryanair  

Prejudiciële hofzaak

Dit fiche is slechts een samenvatting. De verwijzingsbeschikking is bepalend

Zie bijlage voor de verwijzingsuitspraak, en klik hier voor het dossier van het Hof van Justitie (voor zover beschikbaar).

Termijnen: Motivering departement:     16 december 2025
Schriftelijke opmerkingen:                     2 februari 2026

Trefwoorden: passagiersrechten, buitengewone omstandigheid

Onderwerp: Verordening 261/2004 (passagiersrechten): artikel 5, lid 3. 

Verzoeksters vorderen compensatie voor een vertraagde vlucht op basis van verordening 261/2004. Verwerende partij Ryanair stelt dat er sprake is van een buitengewone omstandigheid in de zin van artikel 5, lid 3 van de verordening, waardoor compensatie niet betaald hoeft te worden. De verwijzende rechter vraagt het Hof of een verandering in de toewijzing van het aantal slots aan een luchtvaartmaatschappij kan kwalificeren als een buitengewone omstandigheid. 

Prejudiciële vragen: 
1. Is er steeds sprake van een buitengewone omstandigheid in de zin van artikel 5, lid 3, van verordening (EG) nr. 261/2004 wanneer de annulering van de vlucht of de met een annulering gelijk te stellen vertraging te wijten is aan een wijziging in de toewijzing van slots door de verantwoordelijke luchtverkeersleidingsorganisatie? 

2. Voor het geval de eerste vraag ontkennend wordt beantwoord, volstaat het dan voor het aannemen van een buitengewone omstandigheid in de zin van artikel 5, lid 3, van verordening nr. 261/2004 dat de wijziging in de toewijzing van slots te wijten is aan een vermindering van de vluchtcapaciteit door de bevoegde luchtverkeersleidingsorganisatie, waarvoor deze de IATA Delay Code 81 [„81 (AT) Air Traffic Flow Management (ATFM), due to ATC EN-ROUTE DEMAND/CAPACITY, Standard demand/capacity problems”] of de IATA Delay Code 84 [„84 (AW): ATC restriction due to weather at destination”) heeft opgegeven? 

3. Voor het geval ook de tweede vraag ontkennend wordt beantwoord: volstaat het dan voor het aannemen van een buitengewone omstandigheid in de zin van artikel 5, lid 3, van verordening nr. 261/2004 dat de wijziging in de toewijzing van slots te wijten is aan een vermindering van de vluchtcapaciteit door de bevoegde luchtverkeersleidingsorganisatie, waarvoor deze de IATA Delay Code 81 [„81 (AT) Air Traffic Flow Management (ATFM), due to ATC EN-ROUTE DEMAND/CAPACITY, Standard demand/capacity problems”] of de IATA Delay Code 84 [„84 (AW): ATC restriction due to weather at destination”) heeft opgegeven met de aanvullende specificatie dat het gaat om capaciteitsknelpunten die met de weersomstandigheden samenhangen?

Aangehaalde (recente) jurisprudentie: -

Specifiek beleidsterrein: IenW

Gerelateerde documenten