T-914/25 Modelo Continente Hipermercados
Dit fiche is slechts een samenvatting. De verwijzingsbeschikking is bepalend
Zie bijlage voor de verwijzingsuitspraak, en klik hier voor het dossier van het Hof van Justitie (voor zover beschikbaar).
Termijnen: Motivering departement: 26 februari 2026 Schriftelijke opmerkingen: 12 april 2026
Trefwoorden: detailhandelsverkopen, kortingsbonnen, btw-regeling, latere aankopen Onderwerp: Richtlijn 2006/112 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: Artikel 11, A, lid 3, onder b, artikel 11, C, punt 1, artikel 11, C, lid 1.
Modelo Continente Hipermercados SA (hierna: MCH) gaf haar klanten bij aankoop van producten anonieme kortingsbonnen met een nominale waarde die een percentage of vast bedrag van de aankoopwaarde vertegenwoordigde. Deze bonnen konden worden gebruikt als betaalmiddel bij latere aankopen. MCH droeg bij de eerste verkoop volledige btw af en verminderde bij gebruik van de bon de btw die zij aan de eerste transactie toerekende. Een inspectierapport van de belastingdienst stelde dat MCH de btw-regeling ten onrechte had toegepast door de btw op de kortingsbonnen te regulariseren op het moment van gebruik. MCH betwist dit en stelt dat op grond van de nationale btw-wetgeving de btw slechts mocht worden afgetrokken op het moment van gebruik van de bon. De nationale rechter had geoordeeld dat de nationale wet op de btw vereist dat MCH moet kunnen aantonen dat de koper op de hoogte was van de correctie of dat de btw aan de koper is terugbetaald, wat feitelijk onmogelijk is bij anonieme detailhandelsverkopen. De verwijzende rechter vraagt het Hof of de nationale wetgeving verenigbaar is met het Unierecht in het kader van kortingsbonnen die pas bij latere aankopen worden toegepast.
Prejudiciële vragen: 1. Moet artikel 11, A, lid 3, onder b), van de Zesde btw-richtlijn, in zoverre daarin wordt verwezen naar „prijskortingen en -rabatten die aan de koper of de ontvanger worden toegekend en die zijn verkregen op het tijdstip waarop de handeling wordt verricht”, in die zin worden uitgelegd dat de korting meteen moet worden afgetrokken op het moment dat zij wordt afgegeven, of kan deze korting daarentegen ook op een later tijdstip worden toegepast, zoals wanneer een detailhandelaar aan zijn klanten bij een aankoop kortingen geeft die zij alleen bij hun volgende aankopen kunnen gebruiken (aftrekken), waardoor de bij die volgende aankopen te betalen prijs wordt verlaagd?
2. Indien de vorige vraag in die zin wordt beantwoord dat de kortingen „die aan de koper [...] worden toegekend” als bedoeld in artikel 11, A, lid 3, onder b), van de Zesde btw-richtlijn op een later tijdstip dan dat waarop zij zijn afgegeven kunnen worden toegepast, moet artikel 11, C, punt 1, van de Zesde richtlijn dan aldus worden uitgelegd dat de betrokken transactie onder die bepaling valt en dat de btw moet worden verlaagd met inachtneming van het door het Portugese nationale recht gestelde formele vereiste waarin artikel 71, lid 5, van het wetboek op de btw voorziet, en dit eveneens met betrekking tot kortingen die worden gegeven op verkopen aan eindverbruikers die niet btw-plichtig zijn?
3. Indien de vorige vraag bevestigend wordt beantwoord, moet artikel 11, C, lid 1, van de Zesde richtlijn dan aldus worden uitgelegd dat de Portugese belasting- en douanedienst voor de erkenning van het recht op aftrek van btw na de verlaging van de maatstaf van heffing van een transactie die onder dat artikel valt omdat een korting aan de eindverbruiker is toegekend (zoals in casu het geval is), de voorwaarde mag stellen dat er op naam opgestelde documenten worden overgelegd waaruit de korting blijkt en die als bewijs van de teruggaaf van de btw (vermindering van de eerder te veel afgedragen) dienen, terwijl het Portugese nationale recht geen dergelijke verplichting oplegt met betrekking tot de documenten waaruit beide verkopen blijken, namelijk de verkoop waarvoor de korting wordt afgegeven en de verkoop waarbij de korting wordt toegepast, ingeval de korting in beide documenten wordt vermeld, dat wil zeggen op het tijdstip waarop de korting wordt verleend en op het tijdstip waarop deze wordt toegepast, en de facturering inclusief btw wordt verricht, overeenkomstig de speciale regeling die volgens het nationale recht geldt voor detailhandelaren?
Aangehaalde (recente) jurisprudentie: C-126/88 Boots v Commissioners of Customs and Excise.
Specifiek beleidsterrein: FIN-Fiscaal