Op deze pagina:
Op 29 oktober 2024 is Verordening (EU) 2024/2747 in werking getreden. De verordening voorziet in een kader met maatregelen voor het anticiperen, het voorbereiden en het reageren op de gevolgen van crises voor de Europese interne markt. De verordening wordt ook wel de IMERA-verordening (Internal Market Emergency and Resilience Act) of het noodinstrument voor de interne markt genoemd en is met ingang van 29 mei 2026 van toepassing (artikel 48). Tijdens de onderhandelingen over de IMERA-verordening werd ook de afkorting SMEI (Single Market Emergency Instrument) gebruikt. De IMERA-verordening bestaat hoofdzakelijk uit vier componenten:
In dit ECER-dossier wordt eerst aandacht besteed aan het begrip 'crisis'. Vervolgens wordt nader ingegaan op de waakzaamheids- en noodfase voor de interne markt.
Naar boven
De IMERA-verordening definieert het begrip crisis. Dat begrip bestaat uit twee elementen. In de eerste plaats moet het gaan om een uitzonderlijke onverwachte en plotselinge, natuurlijke of door de mens veroorzaakte gebeurtenis van buitengewone aard en omvang die binnen of buiten de EU plaatsvindt. In de tweede plaats moet die gebeurtenis ernstige negatieve gevolgen hebben of kunnen hebben voor de goede werking van de interne markt (en het vrije verkeer van goederen, diensten of personen) of de werking van de toeleveringsketens van de interne markt verstoren (artikel 3, onder 1).
De Raad beschikt op grond van de IMERA-verordening over uitvoeringsbevoegdheden om de waakzaamheids- of de noodfase voor de interne markt te activeren. De Raad stelt de desbetreffende uitvoeringshandeling(en) vast op grond van een voorstel van de Commissie (artikelen 14 en 18). De uitvoeringshandeling van de Raad voor de activering van de waakzaamheidsfase moet het volgende bevatten (artikel 14, lid 1) :
De noodfase voor de interne markt kan worden geactiveerd zonder dat voor dezelfde goederen of diensten eerder de waakzaamheidsfase voor de interne markt is geactiveerd (artikel 18, lid 2). Wanneer er voor de activering ook een lijst van crisisrelevante goederen of crisisrelevante diensten, of van beide, nodig is, moet die lijst op hetzelfde tijdstip worden vastgesteld als de uitvoeringshandeling die de noodfase activeert. De Raad stelt die lijst door middel van een uitvoeringshandeling vast, en besluit daarbij op voorstel van de Commissie (artikel 18, lid 4).
De Raad kan de duur van de waakzaamheids- of noodfase voor de interne markt verlengen door middel van een uitvoeringshandeling, waarbij zij besluit op voorstel van de Commissie (artikel 15, lid 1 en artikel 19, lid 1). Indien blijkt dat geen van beide fasen geactiveerd moet zijn, kan de Raad door middel van een uitvoeringshandeling de desbetreffende fase deactiveren (artikel 15, lid 2 en artikel 19, lid 2).
De IMERA-verordening kent uitvoeringsbevoegdheden aan de Commissie toe om responsmaatregelen tijdens een noodfase op de interne markt vast te stellen. De Commissie mag die responsmaatregelen alleen vaststellen wanneer de Raad de noodfase heeft geactiveerd en marktdeelnemers niet in staat zijn om binnen een redelijk tijdskader op vrijwillige basis een oplossing te bieden. Elke uitvoeringshandeling tot invoering van een responsmaatregel stelt duidelijk en specifiek vast op welke crisisrelevante goederen en diensten de maatregel van toepassing is. De responsmaatregelen kunnen worden onderverdeeld in informatieverzoeken aan marktdeelnemers, noodprocedures in het kader van de productwetgeving van de EU en als prioritair aangemerkte verzoeken. In de volgende paragrafen wordt op deze maatregelen ingegaan.
Informatieverzoeken
De Commissie kan informatieverzoeken aan marktdeelnemers richten wanneer die informatie nodig is om adequaat te reageren op een noodsituatie op de interne markt. Bijvoorbeeld informatie die nodig is voor de aankoop van goederen door de Commissie in naam of voor rekening van de lidstaten of voor het ramen van de productiecapaciteit van fabrikanten van crisisrelevante goederen waarvan de toeleveringsketens zijn verstoord. De Commissie dient het informatieverzoek in door middel van een uitvoeringshandeling (artikel 27, lid 2), en moet daarbij waarborgen dat het voordeel voor het algemeen belang opweegt tegen de eventuele ongemakken die de betrokken marktdeelnemers kunnen ondervinden.
Crisisresponsprocedures
De IMERA-verordening maakt het ook mogelijk dat de Commissie door middel van een uitvoeringshandeling crisisresponsprocedures in gang kan zetten (artikel 28). Die procedures voorzien in aanpassingen van de regels inzake het ontwerp, de productie, de conformiteitsbeoordeling en het in de handel brengen van goederen die zijn onderworpen aan geharmoniseerde voorschriften van de EU, alsook van bepaalde regels met betrekking tot de goederen die onder het kader voor algemene productveiligheid van de EU vallen. De crisisresponsprocedures zijn opgenomen in 16 verordeningen en richtlijnen die door de zogenoemde Omnibusrichtlijn en de Omnibusverordening zijn gewijzigd.
Als prioritair aangemerkte verzoeken
Als een laatste redmiddel om de instandhouding van vitale maatschappelijke functies of economische activiteiten op de interne markt te waarborgen wanneer de productie of levering van bepaalde crisisrelevante goederen niet door middel van andere maatregelen kon worden verwezenlijkt, kan de Commissie verzoeken richten tot in de EU gevestigde marktdeelnemers om bepaalde crisisrelevante goederen te produceren of te leveren (‘prioritair aangemerkt verzoek’). Wanneer de marktdeelnemer een als prioritair aangemerkt verzoek uitdrukkelijk aanvaard, stelt de Commissie een uitvoeringshandeling vast (artikel 29, lid 1). De marktdeelnemers moeten voldoen aan alle voorwaarden van die uitvoeringshandeling.
Wanneer de Commissie door één of meer lidstaten in kennis wordt gesteld van tekorten aan crisisrelevante goederen en diensten of van het risico daarop, kan de Commissie de lidstaten aanbevelen maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat de beschikbaarheid van crisisrelevante goederen en diensten snel toeneemt (artikel 35, lid 1). De Commissie kan, om de beschikbaarheid van bepaalde crisisrelevante goederen en diensten tijdens een noodsituatie op de interne markt te waarborgen en om een einde te maken aan deze noodsituatie, de lidstaten aanbevelen die goederen of diensten te verdelen (artikel 34, lid 2)