C-782/23 Tauritus

Contentverzamelaar

C-782/23 Tauritus

Prejudiciële hofzaak 

Zie bijlage voor de verwijzingsuitspraak , en klik hier voor het dossier van het Hof van Justitie (voor zover beschikbaar).

Termijnen: Motivering departement:    15 februari 2024
Schriftelijke opmerkingen:                    1 april 2024

Trefwoorden: douane; belastingaangifte; transactiewaarde

Onderwerp: Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie: artikelen 15, lid 2, onder a), 70, 74, 85, 128 lid 1, 133, en 173, lid 3.

Feiten:

Verzoekende partij is de vennootschap ‘Tauritus’ en verwerende partij is de Litouwse douanedienst. Op 26 mei 2017 heeft de douanekantoor Kaunas bij Tauritus een belastingcontrole verricht gedurende een periode van anderhalf jaar. Bij deze controle is vastgesteld dat Tauritus bij de invoeraangifte van ingevoerde brandstof de voorlopige prijs had weergegeven als de douanewaarde van de goederen. Op grond van overeenkomsten met de leveranciers werd de voorlopige prijs later aangepast om bepaalde omstandigheden in aanmerking te nemen, zoals de gemiddelde marktprijs van brandstof. Het douanekantoor heeft bij de vaststelling van de douanewaarde deze herziene prijzen in aanmerking genomen. Zij heeft Tauritus vervolgens onderworpen aan een aanvullende beoordeling en de vennootschap gelast vertragingsrente te betalen over de invoer-btw.

Overweging:

De verwijzende rechter wil duidelijkheid over artikel 70 van het Douanewetboek. Hij verwijst naar artikel 128, lid 1, van de uitvoeringsverordening, waaruit blijkt dat voor het toepassen van de ‘transactiewaarde’-methode voor de vaststelling van de douanewaarde de werkelijk betaalde of te betalen prijs bekend (of bepaalbaar) moet zijn op het tijdstip van de aangifte. Hij vraagt zich af of de uitzondering in artikel 70, lid 3, in deze casus van toepassing is of niet. Deze is van toepassing wanneer de verkoop of de prijs afhankelijk is van enige voorwaarde of prestatie waarvoor geen waarde kan worden vastgesteld met betrekking tot de goederen waarvan de waarde wordt bepaald. Volgens de verwijzende rechter kan het in de aangifte vermelden van een voorlopige prijs, die vervolgens naar beneden of naar boven wordt bijgesteld, leiden tot een arbitraire of fictieve douanewaarde, wat onverenigbaar zou zijn met de toepassing van de betrokken methode van vaststelling van de douanewaarde. Daarnaast wil de verwijzende rechter weten of dat de belastingaangever in casu verplicht is de aangifte te wijzigen.

Prejudiciële vragen:

1) Moet artikel 70 van verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie aldus worden uitgelegd dat lid 1 van dat artikel niet van toepassing is op een situatie zoals de onderhavige, waarin op het tijdstip van aanvaarding van de douaneaangifte en op basis van de verkoop die plaatsvond onmiddellijk voorafgaand aan het binnenbrengen van de goederen naar het douanegebied, alleen de voorlopig te betalen prijs bekend is, die daarna (dat wil zeggen nadat de aangifte is ingediend en de goederen in het vrije verkeer zijn gebracht) met het oog op omstandigheden waarover de partijen bij de transactie geen controle hebben en die op het tijdstip van indiening van de aangifte onbekend zijn, naar boven of naar beneden wordt aangepast?

2) Moet artikel 173, lid 3, van verordening nr. 952/2013 aldus worden uitgelegd dat de aangever niet verplicht is de douaneautoriteiten te verzoeken om aanpassing van de overeenkomstig artikel 74 van dat wetboek vastgestelde en aangegeven douanewaarde, wanneer de werkelijk voor de goederen te betalen prijs, zoals bedoeld in artikel 70, lid 1, van die verordening, die op het tijdstip van indiening van die aangifte niet bekend was en niet bekend kon zijn, zoals in het onderhavige geval, bekend wordt nadat die goederen in het vrije verkeer zijn gebracht?

Aangehaalde (recente) jurisprudentie: C-775/19 5th AVENUE Products Trading; C-599/20 Baltic Master; C-529/16 Hamamatsu Photonics Deutschland; C-75/20 Lifosa; C-3/13 Baltic Agro; C-640/21 Zes Zollner Electronic

Specifiek beleidsterrein: FIN

Gerelateerde documenten