C-257/15 Ihden et Brinkmann (zaak is ingetrokken: TUIfly heeft de klacht erkend zodat de zaak 'erledigt' is)

Contentverzamelaar

Terug C-257/15 Ihden et Brinkmann (zaak is ingetrokken: TUIfly heeft de klacht erkend zodat de zaak 'erledigt' is)

Prejudiciële hofzaak

Zie bijlage rechts voor de verwijzingsuitspraak
Klik hier voor het volledige dossier van het Hof van Justitie

Termijnen: Motivering departement:   17 juli 2015
(Concept-) schriftelijke opmerkingen:   03 augustus 2015
Schriftelijke opmerkingen:                   03 september 2015
Trefwoorden: luchtvaart; compensatieregeling luchtvaartpassagiers

Onderwerp
Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 295/91

Verzoekers Michael Ihden en Gisela Brinkmann hebben bij verweerster TUIfly GmbH een vlucht van Faro (POR) naar München (DUI) geboekt voor 21-09-2014. De vlucht vertrekt uit Faro met circa drieënhalf uur vertraging. Verzoekers eisen elk de compensatie van € 400. Verweerster stelt dat de vertraging is veroorzaakt door buitengewone omstandigheden die ook met alle redelijke maatregelen niet had kunnen worden voorkomen. Het toestel dat oorspronkelijk zou worden ingezet werd door bliksem getroffen en moest gerepareerd worden. Hierdoor kon het pas later (uit Hannover) voor de voor dat moment geplande vlucht (via Ibiza naar Hurghada) vertrekken waardoor het problemen kreeg (uitwijken wegens nachtelijk landingsverbod Frankfurt, noodzakelijke bemanningswissel door overschrijden toegestane arbeidstijd e.d.). Verweerster had op dat moment geen vervangend toestel tot haar beschikking.

De verwijzende DUI rechter (Rb Hannover) oordeelt dat de beslissing over de vordering tot schadevergoeding afhangt van de vraag of de buitengewone omstandigheden bij de vorige vlucht op 20 september 2014 ook nog invloed hebben op de hier in geschil zijnde vlucht. In de DUI rechtspraak is omstreden in hoeverre verstoringen in het vluchtrooster nog invloed kunnen hebben op verdere vluchten. Volgens de rechtspraak van het Bundesgerichtshof dient in ieder geval rekening te worden gehouden met verstoringen die op dezelfde dag optreden bij eerdere vluchten van het ingezette vliegtuig. Daarbij dient de luchtvaartmaatschappij dan alle redelijke maatregelen te treffen om annulering of grote vertraging te voorkomen. Het schrappen van vluchten behoort daar niet toe omdat de problemen dan worden doorgeschoven naar andere passagiers. Indien de luchtvaartmaatschappij heeft besloten om in het belang van alle op die dag te vervoeren passagiers alle vluchten, zij het met vertraging, uit te voeren en het daarmee voor alle reizigers mogelijk te maken om op hun bestemming aan te komen, dan blijft deze organisatorische beslissing binnen de speelruimte waarover de luchtvaartmaatschappij beschikt en is deze te billijken. In onderhavige vlucht is volgens de verwijzende rechter de vertraging niet ontstaan door buitengewone omstandigheden omdat het causaal verband ontbreekt. De vertraging is het gevolg van het besluit van verweerster het vluchtrooster te handhaven. Zij had ook delen van de eerdere vlucht kunnen annuleren waar wel buitengewone omstandigheden hadden kunnen gelden. Omdat hij twijfelt aan de juiste uitleg van artikel 5, lid 3 van Vo. 261/2004 legt hij de volgende vragen aan het HvJEU voor:
1. Dient artikel 5, lid 3, van verordening (EG) nr. 261/2004 aldus te worden uitgelegd dat buitengewone omstandigheden die zich hebben voorgedaan bij een vorige vlucht uit het vluchtrooster, ten aanzien van de litigieuze vlucht nog steeds buitengewone omstandigheden vormen indien de luchtvaartmaatschappij die de vlucht uitvoert de mogelijkheid heeft om de vertraging verderop in het vluchtrooster te voorkomen door bepaalde segmenten van het vluchtrooster niet uit te voeren?
2. Mocht het Hof van Justitie vraag 1 bevestigend beantwoorden: moeten de buitengewone omstandigheden zich op dezelfde dag, de dag ervoor, of in algemene zin slechts in het kader van het geplande vluchtrooster hebben voorgedaan?

Specifiek beleidsterrein: IenM mede EZ

Gerelateerde documenten