C-699/25 Green forest project   

Contentverzamelaar

C-699/25 Green forest project   

Prejudiciële hofzaak

Dit fiche is slechts een samenvatting. De verwijzingsbeschikking is bepalend

Zie bijlage voor de verwijzingsuitspraak, en klik hier voor het dossier van het Hof van Justitie [voor zover beschikbaar].

Termijnen: Motivering departement:     2 januari 2026
Schriftelijke opmerkingen:                     19 februari 2026

Trefwoorden: elektriciteitsproducenten, biogassen, biomethaanproductie, discretionaire bevoegdheid lidstaat. 
Onderwerp: Verordening [EU] 2022/1854 betreffende een noodinterventie in verband met de hoge energieprijzen: Artikel 6, lid 1, artikel 7, lid 1. 

Green Forest Project AD is een elektriciteitsproducent die elektriciteit opwekt uit biogas dat wordt geproduceerd door anaerobe afbraak van plantaardig en dierlijk materiaal uit de landbouw. De directeur van de regionale directie van het nationaal agentschap voor overheidsinkomsten van Plovdiv vordert betaling van de geoormerkte bijdragen aan het energiezekerheidsfonds van Green Forest Project. Green Forest Project stelt dat de elektriciteit is opgewekt uit biomethaan en dusdanig onder de uitzondering van artikel 7, lid 1, onder e], van verordening 2022/1854 valt. De verwijzende rechter twijfelt echter of elektriciteitsproducenten die direct uit biomassa een brandstof produceren zonder dat dit zuiver biomethaan is, en of het percentage biomethaan in het gas bepalend is voor de toepassing van de uitzondering. Daarbij is het onduidelijk of lidstaten discretionaire bevoegdheid hebben om onderscheid te maken tussen technologieën voor biomethaanproductie en producenten te verplichten solidariteitsbijdragen te betalen. De verwijzende rechter vraagt het Hof om uitleg over de reikwijdte van de uitzondering, de betekenis van het biomethaanpercentage, de mogelijkheid van nationale afwijkingen en de gevolgen van het ontbreken van geharmoniseerde Unienormen voor biomethaan in biogas. 


Prejudiciële vragen: 
1. Hoe moet artikel 7, lid 1, onder e], van verordening [EU] 2022/1854 van de Raad van 6 oktober 2022 betreffende een noodinterventie in verband met de hoge energieprijzen worden uitgelegd met betrekking tot de vraag of een elektriciteitsproducent die in zijn bedrijfsproces rechtstreeks uit biomassa een brandstof [namelijk biomethaan] produceert, onder de uitzondering van artikel 7, lid 1, onder e], van die verordening valt? 

2. Hoe moet artikel 7, lid 1, onder e], van verordening [EU] 2022/1854 van de Raad van 6 oktober 2022 betreffende een noodinterventie in verband met de hoge energieprijzen worden uitgelegd met betrekking tot de vraag of de uitzondering van artikel 7, lid 1, onder e], van deze verordening afhankelijk is van het percentage biomethaan in het gas, in het bijzonder of biogas met een laag percentage biomethaan een reden kan zijn voor de betaling van geoormerkte bijdragen en voor de niet-toepassing van die uitzondering? 

3. Hoe moet artikel 7, lid 1, onder e], van verordening [EU] 2022/1854 van de Raad van 6 oktober 2022 betreffende een noodinterventie in verband met de hoge energieprijzen worden uitgelegd met betrekking tot de mogelijkheid voor de lidstaat om een onderscheid te maken tussen de technologieën voor de productie van biomethaan dat als brandstof voor elektriciteitsopwekking wordt gebruikt, [en] geeft deze mogelijkheid de lidstaat een discretionaire bevoegdheid om de producent te verplichten solidariteitsbijdragen te betalen? 

4. Vormen de mogelijkheid van de lidstaat om de artikelen 4 tot en met 7 van die verordening niet toe te passen en het ontbreken van de uitzondering van artikel 7, lid 1, onder e], van die verordening in de nationale wetgeving een onjuiste toepassing van die verordening? 

5. Geeft het ontbreken van geharmoniseerde Unienormen voor het percentage biomethaan in biogas een lidstaat de mogelijkheid om elektriciteitsproducenten te verplichten solidariteitsbijdragen te betalen, ook al is er biomethaan gebruikt?

Aangehaalde [recente] jurisprudentie: С-467/24 2Valorise Ham e.a; С-358/24 Varo Energy Belgium e.a.; C-533/24 Vermilion Energy Ireland e.a.; C-423/23 Secab; С-633/23 Electrabel e.a.; C-327/25 VETS Svoge; С-187/25 EVN Bulgaria Renewables; С-391/23 Braila Winds; C-462/24 Braila Winds; C-261/24 Alizeu Eolian; C-392/24 PPC Renewables Romania; C-251/24 Axpo Energy Romania; C-153/25 Acea Produzione e.a.

Specifiek beleidsterrein: EZ; FIN-Fiscaal
 

Gerelateerde documenten