EU-Hof: inspraak van het betrokken publiek is niet altijd vereist bij een besluit dat voorafgaat aan het besluit tot toekenning van een omgevingsvergunning

Contentverzamelaar

EU-Hof: inspraak van het betrokken publiek is niet altijd vereist bij een besluit dat voorafgaat aan het besluit tot toekenning van een omgevingsvergunning
Voor bepaalde openbare en publieke projecten moet krachtens de MEB-richtlijn een vergunningsprocedure worden doorlopen. Een besluit dat voorafgaat aan de vaststelling van het vergunningsbesluit kan onder de vergunningsprocedure vallen indien het project niet kan worden verwezenlijkt zonder dat de opdrachtgever dat voorafgaande besluit heeft verkregen. De vaststelling van een voorafgaand besluit hoeft niet vooraf te worden gegaan door inspraak van het betrokken publiek wanneer die inspraak voor de definitieve vaststelling van het vergunningsbesluit wordt verzekerd. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Belgische rechter.

Het gaat om het arrest van het EU-Hof van 24 februari 2022 in de zaak C-463/20, Namur-Est Environnement ASBL .

Achtergrond

In november 2008 heeft Sagrex bij de bevoegde instantie van het Waalse Gewest (België) een omgevingsvergunning aangevraagd met het oog op de hervatting van de exploitatie van een steengroeve in België en de aanleg van installaties en bijbehorende voorzieningen. Een afdeling van het Waalse agentschap voor natuur en bos (hierna: het agentschap) heeft in mei 2010 een negatief advies over deze aanvraag uitgebracht, onder meer omdat het project gelegen is naast een beschermd Natura 2000-gebied.

In juni 2016 heeft het agentschap – in de context van het project - toestemming aan Sagrex verleend om verschillende beschermde dier- en plantensoorten te verstoren en bepaalde habitats te beschadigen of te vernietigen, op voorwaarde dat een aantal mitigerende maatregelen zouden worden getroffen (hierna: afwijkingsbesluit). Het afwijkingsbesluit is vastgesteld op grond van de Belgische omzettingsbepaling van artikel 16, lid 1 van richtlijn 92/43 (hierna: EU-Habitatrichtlijn).

In december 2016 heeft het agentschap, nadat Sagrex onder meer een aanvullende milieueffectbeoordeling had verricht, een voorwaardelijk positief advies over de aanvraag voor een vergunning uitgebracht. De Belgische minister van Milieu en Ruimtelijke Ordening heeft echter alsnog geweigerd om de omgevingsvergunning te verlenen en het beroep tegen dat besluit is door de Raad van State (België) verworpen.

Een openbaar onderzoek met betrekking tot het project van Sagrex heeft een groot aantal bezwaarschriften opgeleverd, waaronder van Namur Est Environnement (hierna: NER). NER heeft een verzoek tot nietigverklaring ingesteld tegen het afwijkingsbesluit bij de Raad van State (België). Die rechter heeft vragen gesteld aan het EU-Hof.

De Belgische rechter wil in de eerste plaats van het EU-Hof vernemen of handelingen als het afwijkingsbesluit en het daaropvolgende vergunningsbesluit, tezamen moeten worden geacht deel uit te maken van een complex besluitvormingsproces dat uitmondt in de vergunning van een project of de weigering ervan in de zin van richtlijn 2011/92 (hierna: MEB-richtlijn). Indien die vraag bevestigend wordt beantwoord, wil de rechter weten of de inspraak van het betrokken publiek in dit complexe besluitvormingsproces moet worden verzekerd vóór de vaststelling van een voorafgaand besluit (zoals het afwijkingsbesluit) of dat deze inspraak mag plaatsvinden tussen de vaststelling van het voorafgaande besluit en het ogenblik waarop het vergunningsbesluit wordt vastgesteld.

EU-Hof

Afwijkingsbesluit onder vergunningsprocedure voor een project

Het EU-Hof oordeelt dat het verlenen van een vergunning voor een project het eindpunt vormt van een (complex) besluitvormingsproces dat begint met de indiening door de opdrachtgever van een vergunningsaanvraag en dat uit procedureel oogpunt alle voor de behandeling van deze aanvraag noodzakelijke handelingen omvat. Volgens het EU-Hof moet dat besluitvormingsproces met name betrekking hebben op de (mogelijke) aanzienlijke milieueffecten van het project.

Het EU-Hof oordeelt vervolgens dat het de lidstaten is toegestaan om een bepaalde instantie te belasten met de taak om vooraf en gericht een besluit te nemen over bepaalde milieueffecten van projecten die moeten worden beoordeeld (zoals het afwijkingsbesluit). In het geval van een negatieve uitkomst van een dergelijke gedeeltelijke beoordeling staat het de opdrachtgever vrij om van het project af te zien of het project zodanig te wijzigen dat de geïdentificeerde negatieve effecten worden verholpen, waarbij het aan de uiteindelijke bevoegde instantie is om zich over het project uit te spreken. Die uiteindelijke bevoegde instantie is de instantie die de vergunning zal verlenen. De uiteindelijke bevoegde instantie kan – in het geval van een positieve uitkomst – rekening houden met het eerdere (afwijkings)besluit, maar wordt niet gebonden door dat besluit in haar eindbeoordeling.

Het bestaan van een gedeeltelijke beoordeling die aanleiding geeft tot een voorafgaand besluit kan volgens het EU-Hof de kwaliteit en de doelmatigheid van de beoordelingsprocedure ten goede komen. Het EU-Hof oordeelt daarom dat een afwijkingsbesluit onder de vergunningsprocedure kan vallen wanneer het project niet kan worden verwezenlijkt zonder het afwijkingsbesluit. De vergunningverlenende instantie moet wel de mogelijkheid behouden om de milieueffecten van een project strenger te kunnen beoordelen dan in het afwijkingsbesluit is gebeurd.

Inspraak van het publiek voorafgaand aan de vaststelling van het afwijkingsbesluit

Uit artikel 6, leden 2 en 3 en artikel 8 van de MEB-richtlijn volgt dat het betrokken publiek op nuttige en volledige wijze een standpunt moet kunnen innemen over alle milieueffecten van het project. Die inspraak moet volgens het EU-Hof plaatsvinden tussen de datum van vaststelling van het voorafgaande besluit (zoals het afwijkingsbesluit) en de datum waarop de vergunning definitief wordt verleend. Inspraak van het betrokken publiek is daarom niet noodzakelijk voorafgaand aan de vaststelling van het afwijkingsbesluit.

Meer informatie: