Raad geeft groen licht voor Natuurherstelwet
Contentverzamelaar
Nieuwsbericht | 20-06-2024
Op 17 juni
2024 heeft de Raad de verordening natuurherstel formeel
aangenomen. De verordening legt juridisch bindende
streefcijfers en verplichtingen voor natuurherstel vast voor
alle ecosystemen die op de bijbehorende lijst staan: van
terrestrische systemen over mariene en zoetwater tot
stedelijke ecosystemen. De verordening heeft tot doel de
klimaatverandering en de gevolgen van natuurrampen te
verzachten en moet de EU gaan helpen haar internationale
milieutoezeggingen na te komen,
in het
bijzonder het mondiaal biodiversiteitskader van
Kunming-Montreal dat is overeengekomen tijdens de
VN-biodiversiteitsconferentie van 2022 (COP15)
, en
Europese natuur te herstellen.
Achtergrond
Op 22 juni
2022 stelde de Europese Commissie een verordening
betreffende natuurherstel voor in het kader van de
EU-biodiversiteitsstrategie voor 2030 (COM(2022)
304, zie ook dit
ECER-bericht)). Het voorstel maakte onderdeel uit van de
Europese Green Deal. Meer dan 80 procent van de Europese
habitats is er slecht aan toe en inspanningen uit het
verleden hebben nog niet voldoende geholpen. Daarom bevat
het voorstel voor de verordening niet alleen voor het eerst
maatregelen om de natuur in stand te houden, maar ook te
herstellen.
Nu de Raad de verordening heeft aangenomen, zal deze binnenkort
in het Publicatieblad van de EU worden bekendgemaakt en in werking treden. De verordening zal rechtstreeks toepasselijk zijn in alle lidstaten.
De Europese Commissie heeft aangegeven in 2033 de toepassing van de verordening en de gevolgen ervan voor de landbouw-, visserij- en bosbouwsector te zullen evalueren, evenals de bredere sociaal-economische effecten ervan.
De
verordening natuurherstel
De
verordening kent diverse doelstellingen:
De nieuwe regels zullen helpen de aangetaste ecosystemen in de land- en zeehabitats van de lidstaten te herstellen, de overkoepelende EU-doelstellingen op het gebied van klimaatmitigatie en -adaptatie te halen, en de voedselzekerheid te verbeteren.
De verordening vereist dat de lidstaten maatregelen nemen en uitvoeren om gezamenlijk, als EU-streefcijfer, tegen 2030 ten minste 20 procent van de land- en zeegebieden van de EU te herstellen.
De verordening gaat over verschillende terrestrische, kust-, zoetwater, bos‑, landbouw‑ en stadsecosystemen, waaronder wetlands, grasland, bossen, rivieren en meren, en over mariene ecosystemen, waaronder zeegras-, spons- en koraalvelden.
Tot 2030 zullen de lidstaten bij de uitvoering van de herstelmaatregelen prioriteit geven aan Natura 2000-gebieden.
Met betrekking tot habitats die niet in goede toestand verkeren (zie de lijst in de verordening), zullen de lidstaten herstelmaatregelen nemen (minimaal 30 procent van de oppervlakte in 2030 en 90 procent in 2050).
EU-lidstaten moeten zich gaan inspannen om een aanzienlijke verslechtering van gebieden te voorkomen die een goede toestand hebben bereikt dankzij herstel en die de in de verordening opgenomen terrestrische en mariene habitats herbergen.
De verordening legt specifieke maatregelen op om
de afname van de bestuiverpopulaties tegen 2030 terug te
draaien.
De verordening bevat specifieke eisen voor verschillende soorten ecosystemen, waaronder landbouw‑, bos‑ en stadsecosystemen.
De lidstaten zullen maatregelen nemen om 2 van 3 indicatoren te verbeteren: populatie van graslandvlinders, voorraad organische koolstof in minerale bodems onder bouwland, en percentage landbouwgrond met landschapselementen met grote diversiteit. Andere belangrijke maatregelen zijn het vergroten van de populatie bosvogels en het vermijden van nettoverlies aan stedelijke groene ruimte en boomkroonbedekking tot eind 2030.
De lidstaten moeten maatregelen nemen om ontwaterde veengebieden te herstellen en tegen 2030 op EU-niveau ten minste 3 miljard extra bomen te planten. Om tegen 2030 ten minste 25 000 km rivieren om te vormen tot vrij stromende rivieren, moeten lidstaten maatregelen nemen om door de mens veroorzaakte barrières voor de verbindingen van oppervlaktewateren weg te nemen.
Lidstaten moeten gaan vooruitplannen en nationale herstelplannen bij de Commissie indienen waarin ze uitleggen hoe ze de doelstellingen gaan verwezenlijken. Ze moeten ook toezicht houden op en verslag uitbrengen over hun vorderingen, op basis van EU-brede biodiversiteitsindicatoren.
Meer
informatie:
Persbericht
Raad
ECER-dossier:
Klimaat en Milieu
ECER-bericht:
Europees Parlement stemt in met voorstel voor nieuwe
natuurherstelwet (6 maart 2024)