Politiek akkoord tussen Raad en Europees parlement over EU-Verordening transparantie politieke reclame

Contentverzamelaar

Politiek akkoord tussen Raad en Europees parlement over EU-Verordening transparantie politieke reclame

Het akkoord betreft het voorstel voor een nieuwe EU-Verordening met nieuwe regels over hoe politieke advertenties duidelijk als zodanig moeten worden gemarkeerd en dat zij vermelden wie ervoor heeft betaald en hoeveel, met welke verkiezingen, welk referendum of welk regelgevingsproces zij verband houden en of zij gericht zijn ingezet (”targeting”). Op die manier zullen burgers boodschappen kunnen herkennen die bedoeld zijn om hun politieke standpunten en beslissingen te sturen.

Het gaat om het op 7 november 2023 bereikte politiek akkoord tussen het Europees Parlement en de Raad over het voorstel van de Europese Commissie uit november 2021 voor de verordening betreffende transparantie van politieke reclame (COM (2021) 731) (zie ook dit ECER-bericht). Het initiatief voor die EU-Verordening maakt deel uit van de maatregelen van de Commissie om de integriteit van verkiezingen te beschermen en het open democratisch debat te ondersteunen (zie voor meer informatie ook deze webpagina van de Europese Commissie).

Ook in de politieke beleidslijnen voor de nieuwe Europese Commissie uit juli 2019 voor wetgevingsvoorstellen werd een voorstel voor meer transparantie over betaalde politieke reclame al aangekondigd. In het actieplan voor Europese democratie van december 2020 presenteerde de Commissie daarna haar beoordeling van de uitdagingen op het gebied van politieke reclame en kwesties die verband houden met nieuwe technieken die worden gebruikt voor gerichte reclame op basis van persoonsgegevens van gebruikers. Daarbij werd gesignaleerd dat ook als de gegevens op correcte wijze zijn verkregen, deze technieken kunnen worden misbruikt om de kwetsbaarheden van burgers uit te buiten

Het politiek akkoord tussen het Europees Parlement en de Raad moet nu eerst nog formeel worden goedgekeurd door de medewetgevers. De Europese Commissie heeft aangegeven tijdige naleving van de EU-Verordening te ondersteunen, onder meer in het kader van de praktijkcode betreffende desinformatie.

De nieuwe EU-Verordening
De verordening bouwt voort op en vormt een aanvulling op de relevante EU-wetgeving, waaronder de algemene verordening gegevensbescherming (AVG) (zie ook dit ECER-dossier) en de digitaledienstenverordening (zie ook dit ECER-dossier).

Voor het toezicht op de regels inzake targeting leunt de verordening op het bestaande gegevensbeschermingskader. Wat aanbieders van tussenhandelsdiensten betreft, sluit de verordening uitdrukkelijk aan bij het handhavingskader dat is vastgelegd in de digitaledienstenverordening. De verordening bevat uitgebreide regels inzake transparantie, verantwoordingsplicht en systeemontwerp voor onder meer politieke reclame op onlineplatforms. De actualisering van de op zelfregulering gebaseerde praktijkcode betreffende desinformatie, op basis van richtsnoeren van de Commissie, vormt een aanvulling op de verordening betreffende transparantie van politieke reclame.

Gebruikmaken van targeting- en amplificatietechnieken voor politieke onlinereclame mag op grond van het voorstel voor de verordening in de toekomst alleen op basis van persoonsgegevens die van de betrokkene zijn verkregen en wanneer de betrokkene hier toestemming voor heeft gegeven. Het gebruik van gevoelige persoonsgegevens wordt verboden. Dit zal misbruik van persoonsgegevens voor eventuele manipulatie van kiezers terugdringen. Alle politieke onlinereclames zullen beschikbaar komen in een onlinereclamedatabank. Drie maanden voor de verkiezingen is het verboden om politieke reclame te maken in opdracht van entiteiten buiten de EU.

Meer informatie:
Persbericht Europese Commissie
ECER-EU-essentieel : Openbaarheid

ECER-dossier  : Burgerschap van de Unie, burgerschapsrechten